ECLI:NL:RBROT:2026:6621

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
15 mei 2026
Publicatiedatum
9 juni 2026
Zaaknummer
12148760 VZ VERZ 26-1141
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:142 lid 1 BWArt. 4:146 lid 1 BWArt. 4:146 lid 2 BWArt. 4:148 BWArt. 4:149 lid 1 onder f BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontslag executeur en benoeming opvolgend executeur in nalatenschap

Deze zaak betreft de afwikkeling van de nalatenschap van een overleden moeder, waarbij de erfgenaam verzoeker de huidige executeur, verweerder, wil ontslaan en zichzelf wil benoemen als opvolgend executeur. De moeder was in haar testament duidelijk over de erfgenamen en de legaten, waarbij verweerder als executeur was benoemd en de nalatenschap zuiver had aanvaard.

De kantonrechter oordeelt dat verweerder om gewichtige redenen moet worden ontslagen. Deze redenen omvatten het niet tijdig opmaken van een boedelbeschrijving, het niet verstrekken van informatie aan de erfgenamen, intimiderend gedrag en onvoldoende kennis van zijn taken als executeur. Dit heeft geleid tot een gebrek aan vertrouwen bij verzoeker.

Tijdens de zitting bleek dat alle erfgenamen spoed willen bij de afwikkeling en verkoop van de woning, maar verschillen van inzicht hebben over de uitvoering. Daarom is het in hun belang dat verweerder wordt ontslagen en verzoeker wordt benoemd als opvolgend executeur, die een boedelnotaris kan inschakelen om de afwikkeling te versnellen.

Andere verzoeken van verzoeker zijn ingetrokken en er is geen proceskostenveroordeling uitgesproken. De beschikking is gegeven door kantonrechter C. van Steenderen-Koornneef en in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: De kantonrechter ontslaat de executeur en benoemt de verzoeker als opvolgend executeur om de nalatenschap af te wikkelen.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 12148760 VZ VERZ 26-1141
datum uitspraak: 15 mei 2026
Beschikking van de kantonrechter
in de zaak van
[verzoeker] ,
woonplaats: [woonplaats 1] ,
verzoeker,
gemachtigde: mr. G.V. Murray,
gericht tegen
[verweerder],
woonplaats: [woonplaats 2] ,
verweerder,
met de volgende belanghebbende:
[Naam] ,
woonplaats: [woonplaats 2] .
De partijen worden hierna ‘ [verzoeker] ’, ‘ [verweerder] ’ en ‘ [Naam] ’ genoemd.

1.De procedure

1.1.
Op 17 maart 2026 heeft de rechtbank een verzoekschrift met bijlagen ontvangen.
1.2.
Op 12 mei 2026 is de zaak tijdens een zitting besproken met [verzoeker] , mr. Murray, [verweerder] en [Naam] . Tijdens de zitting heeft mr. Murray een e-mail van 10 mei 2026 van [verweerder] aan haar overgelegd. De kantonrechter heeft die e-mail aan het dossier toegevoegd.

2.De beoordeling

Waar gaat de zaak over?
2.1.
Deze zaak gaat over de afwikkeling van de nalatenschap van [naam] . Erfgenaam [verzoeker] verzoekt de kantonrechter executeur [verweerder] te ontslaan om gewichtige redenen en om hemzelf te benoemen als opvolgend executeur. De kantonrechter wijst die verzoeken toe. Hierna wordt uitgelegd waarom dit de uitkomst is van de zaak.
Wat is er gebeurd?
2.2.
Op 11 september 2021 is overleden [naam] , geboren op [geboortedag] 1942 in [plaats 1] (hierna: moeder). Haar laatste woonplaats was [woonplaats 3] .
Moeder heeft in haar testament haar drie kinderen [verzoeker] , [verweerder] en [Naam] benoemd tot haar erfgenamen; [verweerder] voor de helft en [verzoeker] en [Naam] elk voor een kwart. Moeder was samen met [verweerder] eigenaar van het appartementsrecht van de woning aan de [adres] in [plaats 2] en de parkeerplaats. Zij heeft in het testament haar deel van het appartementsrecht en de parkeerplaats en ook de inboedel gelegateerd aan [verweerder] onder een aantal voorwaarden, die kort gezegd inhouden dat het legaat binnen drie jaar moet worden afgegeven; gebeurt dat niet, dan moet de woning worden verkocht. Ook heeft moeder in het testament [verweerder] benoemd tot executeur. Hij heeft die benoeming aanvaard en de nalatenschap zuiver aanvaard. [verzoeker] en [Naam] hebben de nalatenschap beneficiair aanvaard. Ondanks die beneficiaire aanvaarding hoeft de nalatenschap niet te worden vereffend, omdat [verweerder] als executeur heeft verklaard dat de nalatenschap ruimschoots toereikend is om eventuele schulden van de nalatenschap te voldoen. [verweerder] is daarom nog executeur van de nalatenschap van moeder.
[verweerder] wordt ontslagen als executeur
2.3.
De kantonrechter ontslaat [verweerder] als executeur om gewichtige redenen (artikel 4:149 lid 1 onder Pro f en lid 2 BW). [verzoeker] noemt en onderbouwt in het verzoekschrift meerdere redenen, die [verweerder] niet weerspreekt. Die redenen zijn van voldoende gewicht om [verweerder] te ontslaan als executeur. Het gaat – samengevat weergegeven – om de volgende.
- [verweerder] heeft niet met bekwame spoed een boedelbeschrijving opgemaakt. Als executeur is dat wel zijn taak (artikel 4:146 lid 2 BW Pro). Een boedelbeschrijving bevat een waardering van de goederen en schulden van de nalatenschap. Ruim vier jaar na het overlijden van moeder is die beschrijving nog steeds niet opgemaakt.
- Ook geeft [verweerder] geen informatie over de nalatenschap als [verzoeker] daarom vraagt, zoals antwoord op de vraag of [verweerder] –als legataris– het legaat heeft geaccepteerd of niet. Als executeur is het echter wel de verplichting van [verweerder] om de erfgenamen op de hoogte te houden (artikel 4:148 BW Pro). Door dat niet te doen, schiet hij tekort in die verplichting.
- Daarnaast heeft [verweerder] zich intimiderend gedragen tegenover [verzoeker] en tegenover de voormalig gemachtigde van [verzoeker] toen deze vroegen naar de stand van zaken rondom de afwikkeling van de nalatenschap.
- [verweerder] weet onvoldoende welke taken en verplichtingen hij heeft als executeur en hoe hij die taken en verplichtingen moet vervullen; tijdens de zitting heeft hij beaamd dat hij niet weet welke formele stappen hij moet zetten om de nalatenschap af te wikkelen.
- Vanwege al het voorgaande ontbreekt bij [verzoeker] het vertrouwen in het handelen van [verweerder] . Ook dat is een van de redenen voor ontslag van [verweerder] als executeur.
2.4.
[Naam] heeft tijdens de zitting meegedeeld dat zij ook wil dat [verweerder] wordt ontslagen als executeur. Zij is het dus eens met het verzoek tot ontslag.
2.5.
De kantonrechter overweegt (misschien ten overvloede) dat tijdens de zitting is gebleken dat alle drie de erfgenamen willen dat de nalatenschap spoedig wordt afgewikkeld en dat de woning spoedig wordt verkocht, maar dat zij verschillen van inzicht over de precieze invulling daarvan. Gelet daarop en op de omstandigheid dat [verweerder] niet weet wat de taken en verplichtingen van de executeur zijn en hoe hij daar op een goede manier invulling aan moet geven, is het in het belang van alle drie de erfgenamen dat [verweerder] wordt ontslagen als executeur, zodat een opvolgend executeur kan worden benoemd die met hulp van een professionele partij de afwikkeling van de nalatenschap kan bespoedigen.
[verzoeker] wordt benoemd als opvolgend executeur
2.6.
De kantonrechter benoemt [verzoeker] op zijn verzoek tot opvolgend executeur. Die mogelijkheid is gegeven in het testament van moeder (onder ‘ten negende’, punt 1) (artikel 4:142 lid 1 BW Pro)). [Naam] heeft tijdens de zitting haar voorkeur geuit voor een professionele executeur, maar zij heeft geen bezwaren geuit tegen het benoemen van [verzoeker] . Ook [verweerder] heeft daar geen bezwaren tegen geuit.
2.7.
[verzoeker] is als opvolgend executeur bevoegd om een boedelnotaris aan te wijzen die feitelijk belast zal worden met het afwikkelen van de nalatenschap (artikel 4:146 lid 1 BW Pro). Daar is geen uitspraak van de kantonrechter voor nodig. Zijn verzoek om te beslissen dat hij daartoe bevoegd is, wordt dus vanwege een gebrek aan belang afgewezen.
De overige verzoeken zijn ingetrokken
2.8.
[verzoeker] heeft in het verzoekschrift nog andere verzoeken gedaan, maar die verzoeken zijn tijdens de zitting ingetrokken. De kantonrechter beoordeelt die verzoeken daarom niet.
Proceskosten
2.9.
De kantonrechter ziet geen aanleiding om een kostenveroordeling uit te spreken.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
ontslaat [verweerder] als executeur in de nalatenschap van [naam] met ingang van de datum van deze beschikking;
3.2.
benoemt [verzoeker] tot opvolgend executeur in de nalatenschap van [naam] met ingang van de datum van deze beschikking;
3.3.
wijst al het andere af.
Deze beschikking is gegeven door mr. C. van Steenderen-Koornneef en in het openbaar uitgesproken.
34286