Op 14 september 2022 vond een incident plaats waarbij circa 150 liter styreenmonomeer in het oppervlaktewater van de Europahaven in Rotterdam terechtkwam tijdens het laden van een binnenvaartschip. De bemanning had voorafgaand een veiligheidsrondje uitgevoerd, waarbij een leiding naar de ontgassingsventilator niet was afgesloten, wat de lekkage veroorzaakte. De verdachte, als schipper, had de ADN-controlelijst ingevuld, maar was tijdens het veiligheidsrondje niet aan boord.
De officier van justitie beschuldigde de verdachte van het opzettelijk lozen van styreen zonder vergunning en van het valselijk opmaken van een controlelijst. De verdediging voerde aan dat de verdachte niet verantwoordelijk kon worden gehouden voor de fout die tijdens het veiligheidsrondje was gemaakt en dat er geen sprake was van opzet.
De rechtbank oordeelde dat de verdachte als functioneel dader niet strafrechtelijk aansprakelijk kon worden gehouden omdat hij mocht vertrouwen op de deskundigheid van de tweede schipper en de bemanning. Er was geen bewijs dat de verdachte zelf de fout had gemaakt of dat hij bewust de controlelijst vals had ingevuld. De rechtbank vernietigde de strafbeschikking en sprak de verdachte vrij van beide tenlastegelegde feiten.