ECLI:NL:RBROT:2026:700

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
8 januari 2026
Publicatiedatum
28 januari 2026
Zaaknummer
12020026 VV EXPL 25-779
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:220 lid 1 BWArt. 254 lid 1 RvArt. 139 RvArt. 237 RvArt. 233 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verplichting tot medewerking aan dringende bouwwerkzaamheden en tijdelijke ontruiming woning

Eiseres verhuurt sinds april 2020 een woning aan gedaagde in Rotterdam. Eiseres wil boven het woongebouw twaalf nieuwe woningen voor ouderen realiseren, waarvoor dringende werkzaamheden in de meterkast en berging van de woning van gedaagde noodzakelijk zijn. Gedaagde weigert medewerking te verlenen.

Eiseres vordert in kort geding dat gedaagde wordt veroordeeld tot medewerking aan deze werkzaamheden en, indien nodig, tot tijdelijke ontruiming van de woning. Gedaagde verschijnt niet op de zitting en voert geen verweer.

De rechtbank oordeelt dat op grond van artikel 7:220 lid 1 BW Pro gedaagde verplicht is medewerking te verlenen aan dringende werkzaamheden. De werkzaamheden zijn noodzakelijk voor de afronding van het bouwproject. De vordering wordt daarom toegewezen en gedaagde wordt veroordeeld binnen drie dagen medewerking te verlenen en zonodig de woning tijdelijk te ontruimen.

De proceskosten worden aan gedaagde opgelegd en het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat het direct kan worden uitgevoerd. Het vonnis is gewezen door mr. F. Aukema-Hartog en in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot medewerking aan dringende werkzaamheden en tot tijdelijke ontruiming van de woning indien medewerking uitblijft.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 12020026 VV EXPL 25-779
datum uitspraak: 8 januari 2026
Vonnis in kort geding van de kantonrechter
in de zaak van
[eiseres] ,
vestigingsplaats: [vestigingsplaats] ,
eiseres,
gemachtigde: mr. K.J. van Bergenhenegouwen,
tegen
[gedaagde] ,
woonplaats: [woonplaats] ,
gedaagde,
die niet is verschenen.

1.De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
- de dagvaarding van 22 december 2025, met bijlagen.
1.2.
Gedaagde heeft op 4 januari 2026 de rechtbank bericht dat hij vanwege ziekte niet aanwezig kan zijn op de zitting. Aan gedaagde is verzocht om een bewijs van ziekte over te leggen en dat zonder bericht daarvan de zitting door zal gaan. Gedaagde heeft laten weten geen bewijs te kunnen overleggen.
1.3.
Op 6 januari 2026 is de zaak tijdens een zitting met eiseres en
mr. Van Bergenhenegouwen besproken. Namens eiseres is verschenen mevrouw [persoon A] en de heren [persoon B] en [persoon C] (namens [naam aannemer] , aannemer). Gedaagde is niet verschenen. Tegen hem is verstek verleend.

2.De beoordeling

Waar gaat de zaak over?
2.1.
Eiseres verhuurt sinds 14 april 2020 de woning aan de [adres] in Rotterdam aan gedaagde. De woning van gedaagde is gelegen op de vierde etage van het woongebouw.
Eiseres wil 12 nieuwe woningen voor ouderen realiseren boven het woongebouw. Deze woningen zijn in november en december 2025 gerealiseerd. De volgende stap in het bouwproces is het afwerken van de woningen aan de binnenzijde en het aansluiten van de opbouw-woningen op de riolering, waterleiding en het elektriciteitsnet van het woongebouw. Eiseres wil werkzaamheden in de meterkast en de berging bij de woning van gedaagde uitvoeren, maar gedaagde wil hieraan niet meewerken. Daarom vordert eiseres dat de rechter hem veroordeelt daaraan toch mee te werken. Voor het geval gedaagde niet aan de werkzaamheden meewerkt, wil eiseres dat gedaagde wordt veroordeeld om de woning tijdelijk te ontruimen en te verlaten.
Juridisch kader en spoedeisend belang
2.2.
Een eis in kort geding kan worden toegewezen als de eisende partij hierbij zoveel spoed heeft dat die de uitkomst van een gewone procedure niet hoeft af te wachten (artikel 254 lid 1 Rv Pro). Uit de stellingen van eiseres volgt dat deze spoed aanwezig is.
De eis
2.3.
Gedaagde heeft geen verweer gevoerd. Het is voldoende aannemelijk dat in een bodemprocedure de vordering tot medewerking en - wanneer gedaagde niet vrijwillig meewerkt - de vordering tot tijdelijke ontruiming van de woning zal worden toegewezen. Op grond van de wet (artikel 7:220 lid 1 BW Pro) moet gedaagde medewerking verlenen aan dringende werkzaamheden. Eiseres heeft op de zitting voldoende duidelijk gemaakt dat deze werkzaamheden in de meterkast en de berging (technische ruimte) van de woning noodzakelijk zijn, omdat het bouwproject anders niet kan worden afgerond. Het is daarom gerechtvaardigd om in deze procedure vooruit te lopen op de beslissing in een bodemprocedure en gedaagde te veroordelen tot medewerking en indien nodig de woning tijdelijk te ontruimen en te verlaten. De eis wordt dan ook toegewezen omdat deze niet onrechtmatig of ongegrond lijkt (artikel 139 Rv Pro).
De proceskosten
2.4.
De proceskosten komen voor rekening van gedaagde, omdat hij ongelijk krijgt (artikel 237 Rv Pro). De kantonrechter begroot de kosten die gedaagde aan eiseres moet betalen op € 145,45 aan dagvaardingskosten, € 135,- aan griffierecht, € 543,- aan salaris voor de gemachtigde en € 135,- aan nakosten. Dat is in totaal € 958,45. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend.
Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad
2.5.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard , omdat eiseres dat eist (artikel 233 Rv Pro). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
veroordeelt gedaagde om binnen 3 dagen na betekening van dit vonnis aan eiseres of door haar ingeschakelde derde(n) gelegenheid te geven tot het uitvoeren van de volgende werkzaamheden in/aan de technische ruimte (berging) en de meterkast in/bij de [adres] te Rotterdam, één en ander ter uitsluitende beoordeling van eiseres en/of door haar ingeschakelde derde(n):
  • leegruimen berging/technische ruimte;
  • afdekken van het werkgebied (gangzone en technische ruimte);
  • spanningsloos maken van de meterkast en een haspel uitleggen voor een vriezer/koelkast etc.;
  • boren van meerdere sparingen in het plafond van de technische ruimte en de meterkast;
  • schacht openmaken (breek werkzaamheden) (berging/technische ruimte);
  • T-stuk op de standleiding in de schacht aanbrengen (berging/technische ruimte);
  • beugelen van het plafond voor leidingen (berging/technische ruimte);
  • monteren van de leidingen (meterkast en berging/technische ruimte);
  • schacht dicht maken (berging/technische ruimte);
  • sparingsgaten brandwerend afdichten (meterkast en berging/technische ruimte);
  • stroom/spanning terugzetten (meterkast);
  • schilderen van de schacht (berging/ technische ruimte);
  • schoonmaken en inruimen van de berging/technische ruimte.
3.2.
veroordeelt gedaagde, voor zover hij niet vrijwillig aan de onder 3.1. opgenomen veroordeling voldoet, om binnen 3 dagen na betekening van dit vonnis, het gehuurde aan de [adres] te Rotterdam, waaronder de bijbehorende technische ruimte (berging), met al het zijne, tijdelijk en voor zover noodzakelijk, gedurende één werkdag vanaf 8:00 uur
’s morgens, te ontruimen en te verlaten, zodat eiseres of door haar ingeschakelde derde(n) gelegenheid heeft tot het uitvoeren van de onder 3.1. opgenomen werkzaamheden, één en ander ter uitsluitende beoordeling van eiseres en/of door haar ingeschakelde derde(n);
3.3.
veroordeelt gedaagde in de proceskosten, die aan de kant van eiseres worden begroot op € 958,45;
3.4.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.5.
wijst al het andere af.
Dit vonnis is gewezen door mr. F. Aukema-Hartog en in het openbaar uitgesproken.
821