ECLI:NL:RBROT:2026:7009
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte betrokkenheid poging overval juwelier Schiedam
Op 24 april 2026 heeft de rechtbank Rotterdam verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde, namelijk betrokkenheid bij een poging tot overval op een juwelier aan de Hoogstraat in Schiedam op 21 mei 2025. De tenlastelegging betrof medeplegen en het verschaffen van middelen en inlichtingen voor het voorbereiden van het misdrijf.
De rechtbank baseerde haar oordeel op het bewijs, waaronder berichten op de telefoon van een medeverdachte die contact had met verdachte. Uit deze berichten bleek dat verdachte wel contact had over een vuurwapen en een mogelijke overval, maar dat er geen aanwijzingen waren dat verdachte daadwerkelijk betrokken was bij de poging tot overval. De communicatie stopte enkele dagen voor het incident en er was geen bewijs dat verdachte een wapen regelde voor de overval.
De officier van justitie had integrale vrijspraak gevorderd, en de rechtbank volgde dit standpunt. Daarnaast wees de rechtbank een vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere werkstraf af, omdat verdachte werd vrijgesproken van het nieuwe ten laste gelegde feit.
De rechtbank hechtte aan het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs en sprak verdachte vrij. Tevens werd het bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer, bestaande uit een voorzitter en twee kinderrechters.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van betrokkenheid bij poging tot overval.