ECLI:NL:RBROT:2026:7061
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot toelating wettelijke schuldsaneringsregeling met afwijzing eerdere ingangsdatum
De rechtbank Rotterdam behandelde op 7 mei 2026 het verzoek van verzoeker om toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp) vanwege een problematische schuldensituatie. Verzoeker werd toegelaten tot de Wsnp omdat hij voldeed aan de eisen, waaronder te goeder trouw zijn en de verwachting dat hij aan de verplichtingen zal voldoen.
Verzoeker vroeg tevens om een eerdere ingangsdatum van de Wsnp, maar dit verzoek werd afgewezen. De rechtbank constateerde dat de VTLB-berekeningen waren gebaseerd op een alleenstaande, terwijl verzoeker gehuwd is onder huwelijkse voorwaarden, waardoor de afloscapaciteit niet correct kon worden vastgesteld. Daarnaast was onduidelijk of het salaris van verzoeker marktconform was, mede doordat hij parttime werkte in de onderneming van zijn echtgenote en gebruik maakte van een leaseauto die niet in de VTLB-berekening was meegenomen.
De rechtbank stelde de looptijd van de Wsnp vast op 18 maanden, ingaand op 13 mei 2026. Er werd een bewindvoerder benoemd die toezicht houdt op de naleving van de Wsnp-verplichtingen en beheer voert over de boedel. Tevens werd een rechter-commissaris benoemd voor toezicht op de bewindvoerder. De postblokkade geldt de eerste 13 maanden en bij volledige naleving van de verplichtingen eindigt het traject met een schone lei voor verzoeker.
Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open binnen acht dagen na uitspraak, uitsluitend door een advocaat in te dienen bij het gerechtshof.
Uitkomst: Verzoek tot toelating tot de Wsnp wordt toegewezen, verzoek om eerdere ingangsdatum wordt afgewezen.