Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 22 april 2026 met bijlagen;
- de conclusie van antwoord met bijlage;
- de bijlage van de man, zonder begeleidend bericht overgelegd op 9 mei 2026.
2.De feiten
- de man heeft omgang met [minderjarige] op zaterdag 6 december 2025, 13 december 2025 en 27 december 2025, steeds van 15.00 uur tot 17.00 uur in [binnenspeeltuin] te [plaats] ;
- [minderjarige] verblijft bij de man op zaterdag 3 januari 2026, 10 januari 2026 en 24 januari 2026, steeds van 12.00 uur tot 19.00 uur;
- vanaf zaterdag 7 februari 2026 verblijft [minderjarige] bij de man met een overnachting van zaterdag 12.00 uur tot zondag 19.00 uur, telkens drie achtereenvolgende weekenden met daarna een weekend (en de overige momenten) bij de vrouw, enzovoort;
- waarbij geldt dat bij de contactmomenten bij [binnenspeeltuin] de vrouw en haar vader ook aanwezig zijn, en dat vanaf 3 januari 2026 de omgang onbegeleid is, de man haalt [minderjarige] op en brengt hem terug en dat partijen zorgen voor een overdracht zonder dat partners van partijen daarbij aanwezig zijn.