Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2026:7219

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
21 mei 2026
Publicatiedatum
22 juni 2026
Zaaknummer
NL:TZ:2611013:R-RK – NL:TZ:2611077:R-RK
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 284 FwArt. 285 FwArt. 287b FwArt. 287 Fw
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing moratorium en opschorting ontruiming huurwoning voor zes maanden

Verzoeker heeft op 30 april 2026 een verzoek ingediend op grond van artikel 287b, eerste lid, Faillissementswet, om een voorlopige voorziening te treffen die de ontruiming van zijn huurwoning opschort. De rechtbank stelde de behandeling vast op 13 mei 2026, waarbij verweerster niet ter zitting verscheen maar een verweerschrift indiende waarin zij zich conformeerde aan het oordeel van de rechtbank.

De rechtbank constateerde een bedreigende situatie omdat een vonnis tot ontruiming van 15 april 2025 en een exploot van 8 april 2026 tot uitvoering van de ontruiming op 6 mei 2026 waren overgelegd. Verzoeker heeft sinds april 2026 een inkomen uit arbeid en heeft de huurtermijn van mei 2026, zij het te laat, betaald. Daarnaast staat verzoeker onder beschermingsbewind, wat waarborgt dat toekomstige huurtermijnen tijdig worden voldaan.

De belangenafweging leidde tot de conclusie dat het belang van verzoeker om in de woning te blijven en het schuldhulpverleningstraject voort te zetten zwaarder weegt dan het belang van verweerster om het vonnis uit te voeren. De rechtbank legde een voorwaarde op dat de lopende huurtermijnen tijdig moeten worden voldaan en wees het moratorium toe voor zes maanden vanaf 1 mei 2026.

Verder verklaarde de rechtbank verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 284, tweede lid, Fw, gezien het nog lopende minnelijk traject. De rechtbank bepaalde dat schuldhulpverlening uiterlijk twee weken voor het aflopen van de voorziening verslag moet uitbrengen.

De uitspraak werd gedaan door rechter M.C. Snel-van den Hout op 21 mei 2026.

Uitkomst: De rechtbank wijst het moratorium toe en schort de ontruiming van de huurwoning voor zes maanden op onder de voorwaarde dat de huurtermijnen tijdig worden voldaan.

Uitspraak

RECHTBANK Rotterdam

Team Insolventie
Zittingsplaats Rotterdam
Rekestnummer: [nummer 1] – [nummer 2]
Uitspraak van 21 mei 2026
In de zaak van
[naam 1],
geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] , [geboorteland] ,
wonende te [adres] ,
verzoeker.

1.De procedure

Verzoeker heeft op 30 april 2026, met een verzoekschrift ex artikel 284 Faillissementswet Pro (Fw), een verzoekschrift ex artikel 287b, eerste lid, Fw ingediend, waarin wordt gevraagd om een voorlopige voorziening bij voorraad.
In het vonnis van deze rechtbank van 1 mei 2026 heeft de rechtbank de behandeling van het verzoekschrift bepaald op 13 mei 2026.
Flanderijn heeft namens verweerster voorafgaand aan de zitting, op 11 mei 2026, aan de rechtbank een verweerschrift toegezonden. In haar verweerschrift heeft verweerster aangegeven niet ter zitting te zullen verschijnen.
Ter zitting van 13 mei 2026 zijn verschenen en gehoord:
  • verzoeker;
  • de heer [naam 2] en mevrouw [naam 3] , beiden werkzaam bij de Kredietbank Nederland (hierna: schuldhulpverlening);
  • mevrouw [naam 4] , werkzaam bij de gemeente Ridderkerk;
  • mevrouw [naam 5] , werkzaam bij [bedrijf] h.o.d.n. [handelsnaam 1] t.h.o.d.n. [handelsnaam 2] .
De rechtbank heeft de uitspraak bepaald op heden.

2.Het verzoek

Het verzoek strekt ertoe op grond van artikel 287b, eerste lid, Fw, gedurende een termijn van zes maanden bij uitspraak een voorlopige voorziening te treffen en verweerster te verbieden het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 15 april 2025 tot ontruiming van de woonruimte van verzoeker ten uitvoer te leggen.
Verzoeker heeft sinds april 2026 inkomen uit arbeid van € 2.507,18 per maand. De huur bedraagt € 701,75 per maand. Verzoeker heeft op 5 mei 2026 een bedrag van € 736,59 aan verweerster betaald. Dit bedrag bevat in ieder geval de huurtermijn van mei 2026. De huurtermijn van mei 2026 is hiermee – weliswaar te laat – op 5 mei 2026 betaald. Daarnaast staat verzoeker onder beschermingsbewind, waardoor de lopende huurtermijnen tijdig zullen worden voldaan.

3.Het verweer

In haar verweerschrift heeft verweerster te kennen gegeven dat zij zich zal conformeren aan het oordeel van de rechtbank.

4.De beoordeling

Allereerst dient te worden beoordeeld of sprake is van een bedreigende situatie zoals dwingend is voorgeschreven in artikel 287b, tweede lid, Fw. Nu verzoeker een kopie van het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 15 april 2025 tot ontruiming van de woonruimte van verzoeker en een kopie van het exploot van 8 april 2026 heeft overgelegd waarin wordt aangekondigd dat verweerster op 6 mei 2026 zal overgaan tot ontruiming van de woning van verzoeker, is er naar het oordeel van de rechtbank sprake van een bedreigende situatie.
De wetgever heeft met een moratorium beoogd om een schuldenaar bij een – dreigende – executie een adempauze te bieden opdat de schuldenaar in staat wordt gesteld om met zijn schuldeisers een regeling van zijn schulden overeen te komen.
Artikel 287b Fw bevat geen criterium op grond waarvan kan worden beslist of de voorlopige voorziening dient te worden toegewezen dan wel afgewezen. De rechtbank zoekt daarom aansluiting bij de voorziening zoals genoemd in artikel 287, vierde lid, Fw waarbij een afweging dient plaats te vinden tussen het belang van verzoeker enerzijds en de schuldeiser, in dit geval verweerster, anderzijds.
Het belang van verzoeker bestaat erin dat hij in de huurwoning kan blijven wonen en dat het minnelijk schuldhulpverleningstraject door verzoeker kan worden doorlopen.
Het belang van verweerster bestaat erin dat zij het vonnis van 15 april 2025 ten uitvoer kan leggen.
Naar het oordeel van de rechtbank is voldoende aannemelijk geworden dat de lopende huurtermijnen kunnen en zullen worden voldaan. Verzoeker heeft sinds april 2026 weer inkomen uit arbeid. De huurtermijn van mei 2026 is – weliswaar te laat – op 5 mei 2026 betaald. Daarnaast staat verzoeker onder beschermingsbewind, waardoor – nu er weer inkomen is – voldoende is gewaarborgd dat de lopende huurtermijnen tijdig zullen worden voldaan. Tegen deze achtergrond dient het belang van verzoeker zwaarder te wegen dan het belang van verweerster.
De rechtbank acht termen aanwezig om ter zekerheid van de belangen van verweerster in het dictum een voorwaarde op te nemen. De verzochte voorziening zal onder de in het dictum genoemde voorwaarde worden toegewezen.
Nu het minnelijk traject naar verwachting niet op korte termijn zal zijn afgerond, zal verzoeker gelet op het bepaalde in artikel 285, eerste lid, sub f, in samenhang met artikel 287, tweede lid, Fw, ten aanzien van het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 284, tweede lid, Fw, niet-ontvankelijk worden verklaard. Zo nodig kan verzoeker te zijner tijd een nieuw verzoek indienen.

5.De beslissing

De rechtbank:
- schort de tenuitvoerlegging op van het op 15 april 2025 op verzoek van verweerster uitgesproken vonnis van deze rechtbank tot ontruiming van de huurwoning van verzoeker gelegen aan de [adres] , voor de duur van deze voorziening en verlengt de huurovereenkomst zoals deze tussen partijen bestaat of bestond voor de duur van deze voorziening;
- bepaalt dat de genoemde voorziening geldt voor de duur van zes maanden vanaf 1 mei 2026;
- bepaalt dat deze voorziening slechts geldt zolang de lopende huurtermijnen gedurende deze periode tijdig worden voldaan;
- bepaalt dat schuldhulpverlening die namens verzoeker de buitengerechtelijke schuldregeling gaat uitvoeren, uiterlijk twee weken voor het aflopen van de getroffen voorziening verslag uitbrengt als bedoeld in artikel 287b, zesde lid, Fw;
- verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek ex artikel 284, tweede lid, Fw.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.C. Snel-van den Hout, rechter, en in aanwezigheid van S.R.L.T. Peek, griffier, in het openbaar uitgesproken op 21 mei 2026.