Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2026:7242

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
31 maart 2026
Publicatiedatum
23 juni 2026
Zaaknummer
10/311866-25
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 47 SrArt. 312 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling voor gezamenlijke overval met geweld op legale hennepkwekerij

Op 28 september 2025 pleegde de verdachte samen met anderen een overval op een legale hennepkwekerij te Hellevoetsluis. Tijdens deze overval werd 51 kilogram hennep ter waarde van €150.000 buitgemaakt. De verdachte heeft de aanwezige beveiligingsmedewerkster onder bedreiging van geweld meegesleurd naar diverse ruimtes, haar naar de grond gewerkt, vastgebonden met tie-wraps en bedreigd met woorden als “Ik schiet je kapot!”.

De rechtbank baseerde haar oordeel op verklaringen van de beveiligingsmedewerkster, camerabeelden die de fysieke mishandeling niet bevestigden maar wel het geweld en de bedreigingen aannemelijk maakten, en de gedeeltelijke bekentenis van de verdachte. De rechtbank verwierp het verweer van de verdachte dat er geen bedreigingen waren geuit.

De verdachte heeft een strafblad met eerdere politiecontacten, maar geen recente veroordelingen voor soortgelijke feiten. Gelet op de ernst van het feit, de traumatische impact op het slachtoffer en de waarde van de buit, legde de rechtbank een gevangenisstraf van 30 maanden op, lager dan de eis van 42 maanden vanwege gedeeltelijke vrijspraak van geweldsgebruik.

Daarnaast werden de ladder, handschoen en een op de plaats delict aangetroffen telefoon verbeurd verklaard. Vier telefoons, een contant geldbedrag van €1.990, een debitcard en een cryptowallet werden aan de verdachte teruggegeven. Een Marokkaans identiteitsbewijs werd in bewaring genomen ten behoeve van de rechthebbende.

De uitspraak werd gedaan door de rechtbank Rotterdam op 31 maart 2026.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 30 maanden gevangenisstraf voor gezamenlijke overval met geweld op hennepkwekerij.

Uitspraak

Rechtbank RotterdamZittingsplaats Dordrecht
Meervoudige kamer strafzaken
Parketnummer: 10/311866-25
Datum uitspraak: 31 maart 2026
Datum zitting: 17 maart 2026
Tegenspraak
Verdachte:
[verdachte] ,
geboren op [geboortedatum 1] 1995 in [geboorteplaats]
ingeschreven op het adres [adres 1] , [postcode 1] [woonplaats] ,
gedetineerd in de penitentiaire inrichting [naam P.I.] .
Advocaat van de verdachte: mr. M. Landsman,
officier van justitie: mr. F.J. van der Putte,
benadeelde partijen: [benadeelde 1] en [benadeelde 2] .
Kern van het vonnis
De verdachte heeft samen met anderen een overval gepleegd op een legale hennepkwekerij. De verdachte heeft de aanwezige beveiligingsmedewerkster tijdens de overval meegesleurd naar diverse ruimtes, naar de grond gewerkt, vastgebonden en bedreigd. Er is tijdens de overval 51 kilo hennep ter waarde van € 150.000 buitgemaakt. De verdachte heeft het feit grotendeels bekend. De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 30 maanden.

1.Tenlastelegging

hij op of omstreeks 28 september 2025 te Hellevoetsluis, gemeente Voorne aan Zee
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
51 kilogram hennep, in elk geval enig goed,
dat/die geheel of ten dele aan [bedrijf X] , in elk geval aan een ander dan aan
verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n)
heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen,
terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of
bedreiging met geweld tegen [slachtoffer] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal
voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan
zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken,
hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door (meermalen)
- tegen die [slachtoffer] te zeggen:
o “Geef me je pas!” en/of
o “Doe het hek open!” en/of
o “Ik schiet je kapot!” en/of
o “Als je iets geks doet, maak ik je kapot!” en/of
o “Ga liggen!”,
althans woorden van gelijke dreigende/intimiderende aard/strekking, en/of
- die [slachtoffer] naar de grond te brengen/duwen en/of haar hoofd naar de grond te
duwen en/of
- de telefoon en/of de toegangspas van die [slachtoffer] af te pakken en/of
- die [slachtoffer] naar een (andere) ruimte en/of naar buiten/binnen te voeren/sleuren
en/of
- een (vuur)wapen, althans een (hard) voorwerp, tegen het hoofd van die [slachtoffer] te
plaatsen en/of
- tegen het lichaam van die [slachtoffer] te schoppen en/of
- de handen van die [slachtoffer] met (een) tie-wrap(s) op haar rug vast te binden en/of
- met een pompwagen tegen die [slachtoffer] aan re rijden;

2.Bewijs

2.1.
Vordering van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld voor het feit.
2.2.
Conclusie van de verdediging
De verdediging heeft zich ten aanzien van het feit gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank, met dien verstande dat de verdachte een aantal onderdelen van het ten laste gelegde ontkent en dat hij daarvan dient te worden vrijgesproken. Het standpunt van de verdediging zal, voor zover van belang, bij de beoordeling van het bewijs worden besproken.
2.3.
Oordeel van de rechtbank
2.3.1.
Bewezenverklaring en bewijsmiddelen
Bewezen is dat de verdachte in vereniging en met geweld en bedreiging een overval heeft gepleegd. De volledige bewezenverklaring is vermeld in paragraaf 2.3.3.
De bewezenverklaring van het feit is gebaseerd op de hieronder opgenomen inhoud van de bewijsmiddelen [1] en de onderstaande bewijsmotivering.
1.
Verklaring van de verdachte [2]
Ik ben op 28 september 2025 samen met anderen betrokken geweest bij de bedrijfsoverval op [bedrijf X] waar ik 51 kilo hennep heb weggenomen. Tijdens de overval heb ik tegen de beveiligingsmedewerkster [slachtoffer] gezegd “Geef me je pas!” en “Doe het hek open!” en “Ga liggen!”. Ik heb haar naar de grond geduwd en haar hoofd richting de grond geduwd. Ik heb de telefoon en de toegangspas van [slachtoffer] afgepakt, ik ben met haar naar verschillende ruimtes gelopen en ik heb haar handen met een tie-wrap op haar rug vastgebonden.
2.
Proces-verbaal van de politie, verklaring van aangeefster [slachtoffer] [3]
Plaats delict: [adres 2] , [postcode 2] Hellevoetsluis, binnen de gemeente
Voorne aan Zee
Ik had op 28 september 2025 dienst bij het bedrijf [bedrijf X] .
Toen hoorde ik dat er werd geschreeuwd: geef me je pas. Ik werd toen naar de grond gegooid. Iemand pakte mijn hoofd en duwde deze naar beneden. Hij gooide mijn werktelefoon in de wasbak. Hij riep dat het hek open moest. Hij nam mij mee naar de loge. Ik hoorde hem roepen dat hij mij kapot ging schieten.
Hij tilde mij zo hard op, dat hij mij meesleurde. Hij nam mij mee naar een schuifdeur die ik open moest maken. Hij trok me mee naar de rolluik aan de voorkant. Ik hoorde hem toen weer zeggen als je iets geks doet, maak ik je kapot. Hij trok mij toen mee naar buiten.
Ik werd toen naar binnen gesleurd en naar de grond geduwd. Ik moest gaan liggen. Toen pakte hij mij weer op.
Ik moest toen weer gaan liggen. Ik werd vastgebonden, met mijn handen aan elkaar op mijn rug. Een van de daders kwam toen naar mij toe en riep: liggen liggen!
Binnen, bij de karren, moest ik op de grond gaan liggen, met mijn gezicht naar de grond. Daar ben ik ook vastgebonden met tie-wraps. Toen zag ik een tweede dader.
3.
Proces-verbaal van de politie [4]
[bedrijf X] was op 28 september 2025 overvallen.
Er bleek in totaal 51 kilogram hennep weggenomen.
2.3.2.
Bewijsmotivering
De verklaring van de aangeefster dat zij tijdens de overval is geschopt en dat een van de overvallers met een pompwagen tegen haar aan is gereden en dat zij mogelijk is bedreigd met een vuurwapen, vindt geen steun in de overige bewijsmiddelen. In de diverse ruimtes binnen [bedrijf X] hangen camera’s die de gebeurtenissen tijdens de overval duidelijk hebben vastgelegd. De verbalisant die alle camerabeelden heeft bekeken heeft hier een uitgebreid proces-verbaal van opgemaakt en heeft hierbij ook expliciet opgemerkt dat op geen enkel fragment te zien is dat de aangeefster wordt geschopt of geslagen. Ook beschrijft de verbalisant in het proces-verbaal niet dat op de fragmenten die hij heeft bekeken de verdachte een (voorwerp gelijkend op een) vuurwapen vasthoudt of dat te zien is dat er met een pompwagen tegen de aangeefster wordt aangereden. Om die reden acht de rechtbank deze onderdelen op de tenlastelegging niet bewezen.
Dat ligt anders voor de bedreigingen “Ik schiet je kapot!” en “Als je iets geks doet, maak ik je kapot!”. De camera’s in het bedrijf hebben geen geluid opgenomen. Om die reden kan het dossier geen ondersteuning bieden voor dit gedeelte van de verklaring van de aangeefster. Echter, de ervaring leert dat het bij een overval gebruikelijk is dat bedreigende bewoordingen worden gebruikt. Om die reden acht de rechtbank de verklaring van de verdachte, dat er geen enkel bedreigend of intimiderend woord tegen de aangeefster is geuit en dat haar slechts is gezegd dat er sprake was van een overval en dat zij moest meewerken, volstrekt onaannemelijk. De rechtbank is daarom van oordeel dat de verdachte de aangeefster tijdens de overval heeft bedreigd met geweld.
2.3.3.
Volledige bewezenverklaring
Bewezen is dat:
hij op 28 september 2025 te Hellevoetsluis, gemeente Voorne aan Zee tezamen en in vereniging met meer anderen 51 kilogram hennep, die geheel of ten dele aan [bedrijf X]
toebehoorde heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan
envergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen [slachtoffer] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door tegen die [slachtoffer] te zeggen:
o “Geef me je pas!” en
o “Doe het hek open!” en
o “Als je iets geks doet, maak ik je kapot!” en
o “Ga liggen!”,
althans woorden van gelijke dreigende/intimiderende aard/strekking, en
- die [slachtoffer] naar de grond te duwen en haar hoofd naar de grond te duwen en
- de telefoon en de toegangspas van die [slachtoffer] af te pakken en
- die [slachtoffer] naar een (andere) ruimte en naar buiten/binnen te sleuren en
- de handen van die [slachtoffer] met (een) tie-wrap op haar rug vast te binden.

3.Kwalificatie en strafbaarheid

3.1.
Kwalificatie
Het bewezen feit levert het volgende strafbare feit op:
diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken en om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren.
3.2.
Strafbaarheid van het feit en van de verdachte
Het feit en de verdachte zijn strafbaar.

4.Straf

4.1.
Eis van de officier van justitie
De verdachte moet voor het feit worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 42 maanden met aftrek van de tijd die de verdachte reeds in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht.
4.2.
Standpunt van de verdediging
De verdediging verzoekt de rechtbank aan te sluiten bij de LOVS-oriëntatiepunten en
verzoekt de oplegging van een combinatie van een deels onvoorwaardelijke gevangenisstraf, met een groot voorwaardelijk strafdeel en een onvoorwaardelijke maximale taakstraf.
4.3.
Oordeel van de rechtbank
4.3.1.
Ernst en omstandigheden van het feit
De verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan een gedegen voorbereide overval waarbij zij hennep ter waarde van € 150.000 hebben buitgemaakt. De verdachte is ongemerkt het bedrijfsterrein opgekomen alwaar hij eenmaal binnen de enige aanwezige beveiligingsmedewerkster bij de toiletruimte heeft opgewacht en haar onder bedreiging van geweld heeft vastgepakt en haar telefoon en toegangspas heeft afgepakt. De verdachte heeft de beveiligingsmedewerkster vervolgens onder bedreiging met nog meer geweld en met fysieke dwang meegesleept naar verschillende ruimtes, haar meermalen naar de grond gedwongen en haar uiteindelijk ook vastgebonden met een tie-wrap. Het spreekt voor zich dat een op deze manier uitgevoerde overval voor de beveiligingsmedewerkster een traumatische ervaring is geweest. Dat zij op dat moment heeft gevreesd voor haar leven blijkt ook uit de verklaringen die zij bij de politie heeft afgelegd. De verdachte heeft hier kennelijk niet bij stilgestaan. Hij was slechts uit op zijn eigen financiële gewin. De gevolgen voor de beveiligingsmedewerkster hebben de verdachte en zijn medeverdachten er in ieder geval niet van weerhouden om voor een groot geldbedrag aan hennep buit te maken.
Hoewel de verdachte op enig moment een bekennende verklaring heeft afgelegd, heeft hij slechts dat deel bekend waar hij niet meer onderuit kon.
4.3.2.
Persoon en persoonlijke omstandigheden
Strafblad
Uit het strafblad (uittreksel justitiële documentatie) van 11 februari 2026 blijkt dat de verdachte sinds zijn jeugd veelvuldig in aanraking is gekomen met politie en justitie, maar de afgelopen 5 jaar niet onherroepelijk is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten. Het strafblad van de verdachte leidt daarom niet tot een hogere straf.
4.3.3.
Oplegging straf
Straf
Gelet op de ernst van het strafbare feit en het strafblad van de verdachte is een gevangenisstraf noodzakelijk. Het opleggen van een ander soort straf is niet passend. Bij het bepalen van die strafsoort en de duur daarvan houdt de rechtbank rekening met straffen die in soortgelijke zaken zijn opgelegd. Hierbij is ook rekening gehouden met de LOVS oriëntatiepunten. Deze oriëntatiepunten zijn binnen de rechtspraak ontwikkeld om in vergelijkbare zaken zoveel mogelijk gelijk te straffen en vormen een vertrekpunt bij het bepalen van de straf.
Omdat de overval in vereniging is gepleegd en erop gericht was om hennep buit te maken, dat een grote waarde vertegenwoordigt, vindt de rechtbank een hogere straf gepast dan de twee jaar gevangenisstraf die uit de oriëntatiepunten volgt. Een gevangenisstraf voor de duur van 42 maanden, zoals geëist door de officier van justitie, acht de rechtbank een te zware sanctie omdat de verdachte partieel wordt vrijgesproken van het gebruik van een vuurwapen en het schoppen van de aangeefster. Alles overziend wordt een gevangenisstraf van 30 (dertig) maanden opgelegd.
De gevangenisstraf zal worden tenuitvoergelegd binnen de penitentiaire inrichting, totdat aan de verdachte voorwaardelijke invrijheidstelling wordt verleend.

5.In beslag genomen voorwerpen

5.1.
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat de ladder, de handschoen en de op de plaats delict aangetroffen telefoon verbeurd worden verklaard. Tevens moet het in de woning van de verdachte aangetroffen contante geldbedrag van € 1.990,- verbeurd worden verklaard. De vier telefoons die in beslag zijn genomen en de debitcard van ByBit moeten worden teruggegeven aan de verdachte. Het in beslag genomen Marokkaans identificatiebewijs en de Ledger cryptowallet moeten worden bewaard ten behoeve van de rechthebbende.
5.2.
Standpunt van de verdediging
De verdediging heeft bepleit dat het contante geldbedrag van € 1.990,- moet worden teruggegeven aan de verdachte, omdat dit zijn eigen geld is en hij dit niet heeft verdiend met de overval. Voor het overige heeft de verdediging zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.
5.3.
Oordeel van de rechtbank
5.3.1.
Verbeurdverklaring
Als bijkomende straf voor het feit worden de in beslag genomen ladder, handschoen en de op de plaats delict aangetroffen telefoon verbeurd verklaard. Deze zaken zijn ook vatbaar voor verbeurdverklaring, nu het strafbare feit met behulp daarvan is voorbereid en gepleegd. De ladder, de handschoen en de telefoon behoren ook aan de verdachte toe.
5.3.2.
Teruggave
De rechtbank beslist tot de teruggave van de vier telefoons die in de woning van de verdachte in beslag zijn genomen (Apple IPhone 7, Apple IPhone 14 Pro, Apple IPhone 11 Pro Max en de Alcatel telefoon), het contante geldbedrag van € 1.990,-, de debitcard van ByBit en de Ledger cryptowallet aan de verdachte. Er is niet gebleken dat het contante geldbedrag verband houdt met het strafbare feit.
5.3.3.
Bewaring
De rechtbank beslist tot bewaring van het in beslag genomen Marokkaanse identificatiebewijs op naam van [persoon X] , geboren [geboortedatum 2] -1990 ten behoeve van de rechthebbende.

6.Wettelijke voorschriften

De oplegging van deze straf is gebaseerd op de artikelen 47 en 312 van het Wetboek van Strafrecht.

7.Beslissingen

De rechtbank:
Bewezenverklaring
verklaart bewezen dat de verdachte het feit zoals in hoofdstuk 2 is omschreven, heeft gepleegd;
Kwalificatie en strafbaarheid
stelt vast dat het bewezenverklaarde oplevert het in hoofdstuk 3 vermelde strafbare feit;
verklaart de verdachte strafbaar;
Straf
Gevangenisstraf
veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstraf van 30 (dertig) maanden;
beveelt dat de tijd die door de verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, in mindering wordt gebracht op de gevangenisstraf, voor zover deze tijd niet al op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;
In beslag genomen voorwerpen
- verklaart verbeurd de ladder, de handschoen en de op de plaats delict aangetroffen telefoon;
- beveelt de teruggave van vier telefoons (Apple IPhone 7, Apple IPhone 14 Pro, Apple IPhone 11 Pro Max en de Alcatel telefoon), het contante geldbedrag van € 1.990,-, de debitcard van ByBit en de Ledger cryptowallet aan de verdachte;
- beveelt de bewaring van het Marokkaanse identificatiebewijs op naam van [persoon X] , geboren [geboortedatum 2] -1990 ten behoeve van de rechthebbende.

8.Samenstelling rechtbank en ondertekening

Dit vonnis is gewezen door:
mr. A.P Hameete, voorzitter,
en mrs. D.M. Douwes en T. Urbanus, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. J. Loggen, griffier,
en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 31 maart 2026.
De voorzitter, de jongste rechter en de griffier zijn niet in de gelegenheid dit vonnis te ondertekenen.

Voetnoten

1.De exacte vindplaatsen van de bewijsmiddelen zijn genoemd in de bijbehorende voetnoot. Als wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het zaaksdossier met nummer [dossiernummer] .
2.Verklaard tijdens de zitting van 17 maart 2026.
3.Pagina 34 e.v. van het proces-verbaalnummer [nummer proces-verbaal 1] .
4.Pagina 44 e.v. van het proces-verbaalnummer [nummer proces-verbaal 2] .