Uitspraak
1.Tenlastelegging
2.Bewijs
Verklaring van de verdachte op de terechtzitting [2] Ik logeerde al een paar dagen bij [slachtoffer] op de Huniadijk in Rotterdam. Op 15 november 2025 kwam ik aan bij de woning. Ik was gebracht door [naam 2] . Er was een oudere man. We moesten naar hetzelfde huisnummer. Ik droeg zijn tas. Wij gingen samen naar binnen. Na een uur of langer kwam er nog een jongen. Er ontstond een worsteling tussen hem en [slachtoffer] . Die jongen viel op de grond met [slachtoffer] boven zich en begon te schieten. [slachtoffer] strompelde en viel op zijn rug op de grond. Voor mijn idee was hij al dood. Ik heb 112 niet gebeld. Die jongen ging weg en ik ben pas na iets van vijf of tien minuten weggegaan. [naam 2] heeft mij en die oudere man opgehaald.
A: Nee ik zei nog hé maar hij reageerde niet meer. Ik dacht straks komt hij terug en maakt alle getuigen af.
Verklaring van de getuige [naam 2] [5] Ik werd zaterdagmiddag
(rb: 15 november 2025)gebeld door [verdachte] . Hij vroeg aan mij of ik hem kon ophalen en of ik ook nog iemand kon ophalen in Amsterdam. Die man was een oudere man. De oude man had een sporttas bij zich. We zijn naar Rotterdam gereden. Ik heb ze vlakbij een flat afgezet en heb ze nog het portiek in zien gaan. [verdachte] zei dat het bezoek een uurtje zou duren. Na een uur of anderhalf uur werd ik opeens gebeld door [verdachte] dat ik ze snel moest halen. Ze zijn weer ingestapt. [verdachte] vertelde dat er een meneer naar die woning was gekomen die hem en de oudere man wilde beroven.
Proces-verbaal van de politie [6] Gedurende het onderzoek heb ik diverse beschikbare camerabewakingsbeelden onderzocht.
(rb: betreft verdachte [verdachte] ). NNman1 heeft een blank huidskleur, grijskleurig haar.
Proces-verbaal van de politie [7] In proces-verbaal met documentcode [code document 4] werd onder andere gerelateerd dat NNman1 een zwartkleurige sporttas over zijn schouder had hangen. Abusievelijk is in voornoemd proces-verbaal gerelateerd dat NNman1 op dat moment de sporttas droeg, maar dit betrof dus NNman.
Verklaring van de getuige [naam 3] [8] [voornaam slachtoffer]
(rb: [slachtoffer] )was bezig met dingen met wit poeder. [voornaam slachtoffer] was verkoper.
(rb: verdachte [verdachte] en NNman1)zijn de mannen die die spullen hadden. Die Surinaamse man sliep bij [voornaam slachtoffer] .
Verklaring van de getuige [naam 4] [9] V: Had [voornaam slachtoffer]
(rb: [slachtoffer] )de cocaïne al?
Verklaring van de getuige [naam 5] [10] [voornaam slachtoffer]
(rb: [slachtoffer] )had iets te koop wat te mooi om waar te zijn was. [voornaam slachtoffer] belde mij op een woensdag of een donderdag. Hij was met een oudere Surinaamse man. Dat was de vertegenwoordiger van die spullen of de eigenaar van die spullen. [voornaam slachtoffer] had mij een foto gestuurd van de verdovende middelen.
(rb: van verdachte [verdachte] ).Wie is deze man?
7x15.000, 105.000en dat ze zogenaamd komen voor
15.000x15, 225.000en dat ‘hij’ dit moet krijgen. Vermoedelijk zijn er op dat moment 7 blokken cocaïne in de woning en zouden ze uiteindelijk ‘zogenaamd’ 15 blokken willen.
zelftwee blokken (dames) heeft. Ook daaruit volgt dat het dus niet het slachtoffer was die blokken tot zijn beschikking had, maar de verdachte.
3.Kwalificatie en strafbaarheid
4.Straffen
5.Wettelijke voorschriften
6.Beslissingen
bewezendat de verdachte de feiten, zoals onder 2 is omschreven, heeft gepleegd;
gevangenisstraf van 30 maanden;
hechtenis van 1 maand.