Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De zaak in het kort
2.De procedure
- de dagvaarding van 9 juli 2024, met producties 1 tot en met 39 (en beslagstukken 1 tot en met 17);
- de conclusie van antwoord in conventie tevens houdende eis in reconventie, met producties 1 tot en met 28;
- de brief van 11 oktober 2024 van de rechtbank, waarbij partijen zijn opgeroepen voor een mondelinge behandeling;
- de brief van 26 februari 2025 van de rechtbank, met een zittingsagenda waarbij partijen nader zijn geïnformeerd over de mondelinge behandeling;
- de conclusie van antwoord in reconventie tevens akte eiswijziging in conventie, met producties 40 tot en met 50;
- de akte overlegging (nadere) producties van Houwenplant, met producties 29 tot en met 33;
- de akte eiswijziging van DO;
- de akte overlegging producties van DO, met producties 51 tot en met 55;
- de mondelinge behandeling van 1 april 2025 en de door partijen overgelegde spreekaantekeningen.
3.De feiten
3.1 Koopprijs
7.Verklaringen en garanties
‘as is’).
4.Het geschil
in conventie
5.De beoordeling
in conventie en in reconventie
- een vordering van € 588.277,00 van een schuldeiser van de Rijnplant Entiteiten (Uitzendbureau Prokonak B.V., hierna: Prokonak), die vanwege een 403-verklaring voor rekening van DO is gekomen (dit bedrag is onderdeel van vordering 2);
- een bedrag van € 185.339,00 dat verschuldigd was op grond van de TSA, maar als gevolg van het faillissement onbetaald is gebleven (dit bedrag is onderdeel van vordering 2);
- een bedrag van € 249.511,80 aan gemiste inkomsten uit de licentieovereenkomst tussen DO en Rijnplant Breeding (dit bedrag is onderdeel van vordering 2);
- een bedrag van € 309.464,34 dat op grond van een licentieovereenkomst tussen DO en FloVo en een vaststellingsovereenkomst tussen DO, FloVo en Microflor N.V. voor rekening van DO is gekomen (vordering 5);
- de juridische kosten van DO die direct voortvloeien uit het faillissement van de Rijnplant Entiteiten (vordering 7).
- € 150.000,00 op grond van artikel 3.1 onder b van de koopovereenkomst (in verband met de afwikkeling door DO van het geschil tussen de Rijnplant Entiteiten en Van Schie Potplanten B.V. (hierna: Van Schie )) en
- € 500.000,00 op grond van artikel 9.3 van de koopovereenkomst (in verband met aan DO gecedeerde handelsvorderingen van de Rijnplant Entiteiten op Houwenplant).
- de crediteurenstand van de Rijnplant Entiteiten bleek aanzienlijk hoger te zijn dan door DO was aangegeven (vorderingen van Prokonak en van Vattenfall ontbraken);
- er bleek een enorme claim te zijn van Fuerte Planta;
- er bleek sprake van een langdurig geschil met Kwekerij Tasveren en daarnaast waren er ook problemen met andere afnemers;
- de debiteurenstand van de Rijnplant Entiteiten bleek aanzienlijk lager te zijn dan door DO was aangegeven (omdat er veel oninbare debiteuren bleken te zijn);
- er bleken zogenaamde Deense karren onvindbaar (811 stuks), die aan de verhuurder moesten worden vergoed;
- met Prokonak bleek een dag voor het sluiten van de koopovereenkomst een tariefsverhoging te zijn afgesproken (met terugwerkende kracht), die heeft geleid tot de onder a) bedoelde vordering van Prokonak;
- er bleek onjuiste informatie te zijn verstrekt over de winstmarge die werd gerealiseerd bij een belangrijke klant (Rimland).
‘non-collectible’) werd beschouwd, er mogelijke claims lagen van € 120.767,39 en een bedrag van € 427.047,56 als waarschijnlijk oninbaar (
‘low chances to collect’) werd beschouwd. Dit komt neer op een totaalbedrag van € 953.050,00, aldus Houwenplant.
opzettelijkonjuiste informatie heeft gedeeld of relevante informatie heeft verzwegen. In zoverre staat de uitsluitingsclausule in artikel 9 van Pro de leveringsakte dus aan haar beroep op vernietiging in de weg. De rechtbank licht dat hierna toe.
opzettelijkrooskleuriger heeft doen voorkomen dan deze in werkelijkheid was, kan – gelet op de betwisting door DO – niet uit de stellingen van Houwenplant worden afgeleid.
‘as is’).
‘as is’-clausule heeft Houwenplant de Rijnplant Entiteiten en hun activa aanvaard in de staat waarin deze zich, ook financieel, bevonden op het moment van de overname. Financiële tegenvallers zijn dan in beginsel voor Houwenplant als koper. Dat is uiteraard anders als opzettelijk onjuiste mededelingen zijn gedaan of relevante informatie is achtergehouden. In dat kader moet de bewijslevering worden afgewacht.
‘as is’-bepaling.