ECLI:NL:RBROT:2026:8288

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
30 juni 2026
Publicatiedatum
9 juli 2026
Zaaknummer
C/10/721787 / JE RK 26-1221
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:260 BWArt. 1:265c BW
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing minderjarige

De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming West verzocht om verlenging van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige geboren in 2010. De minderjarige verblijft sinds kort bij Pluryn, waar zij zich naar eigen zeggen thuis voelt, maar zij ervaart ook spanningen en gevoelens van onveiligheid binnen de nieuwe groep. De instelling heeft signaleringsafspraken gemaakt en de minderjarige kan praten met een buddycoach. Daarnaast is gestart met medicatie ter ondersteuning van haar slaap en zal binnenkort een traumabehandeling aanvangen.

De vader, die het ouderlijk gezag heeft, heeft de verantwoordelijkheid volledig bij de gecertificeerde instelling gelegd en wenst geen contact meer met de minderjarige, wat als zorgelijk wordt beoordeeld. De kinderrechter constateert dat de ontwikkeling van de minderjarige ernstig wordt bedreigd door haar kwetsbaarheid en trauma- en hechtingsproblemen. De ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing zijn daarom noodzakelijk om haar verzorging en opvoeding te waarborgen.

De kinderrechter verlengt de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing voor de duur van één jaar tot 6 juli 2027. De beslissing wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat deze direct geldt, ook bij hoger beroep. De minderjarige heeft geen gebruik gemaakt van het spreekrecht tijdens de zitting, en de vader was niet aanwezig ondanks juiste oproeping.

Uitkomst: De kinderrechter verlengt de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige voor één jaar en verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Jeugd
Zaaknummer: C/10/721044 / JE RK 26-1121
Datum uitspraak: 30 juni 2026
Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling en verlenging machtiging tot uithuisplaatsing
in de zaak van
de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming west,
gevestigd te Dordrecht,
hierna te noemen: de GI,
over
[minderjarige],
geboren op [geboortedatum] 2010 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen: [voornaam minderjarige] .
De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:
[naam vader],
hierna te noemen: de vader,
wonende in [woonplaats] .

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 8 juni 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 9 juli 2026. Daarbij waren aanwezig:
- een vertegenwoordiger van de GI, [persoon A] .
1.3.
De vader is niet verschenen. De kinderrechter stelt vast dat de vader wel juist is opgeroepen.
1.4.
De kinderrechter heeft [voornaam minderjarige] naar haar mening gevraagd. [voornaam minderjarige] heeft hier geen gebruik van gemaakt.

2.De feiten

2.1.
De vader is belast met het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige] .
2.2.
[voornaam minderjarige] verblijft bij de Pluryn.
2.3.
Bij beschikking van 6 juni 2025 is de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] verlengd tot 6 juli 2026.
2.4.
Bij beschikking van 17 februari 2026 is de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder verlengd tot 6 juli 2026.

3.Het verzoek

3.1.
De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] te verlengen voor de duur van één jaar. Ook verzoekt de GI de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder te verlengen voor de duur van de ondertoezichtstelling. De GI verzoekt de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

4.De standpunten

4.1.
De GI heeft het verzoek ter zitting gehandhaafd en als volgt nader toegelicht. Op woensdag 17 juni 2026 is [voornaam minderjarige] overgestapt naar Pluryn. Daar keek ze enorm naar uit. Tijdens de bezichtiging gaf ze al aan dat ze zich er thuis voelde. Op 23 juni 2026 heeft [voornaam minderjarige] contact gehad met haar coach, omdat ze bang was en zich onveilig voelde. Dat lijkt te komen doordat het een nieuwe groep is en dus spannend. Ook voelt [voornaam minderjarige] zich regelmatig alleen. Binnen de groep zijn inmiddels signaleringsafspraken gemaakt om haar veiligheid te waarborgen. Daarnaast kan zij nog altijd praten met haar buddycoach. De afgelopen dagen zijn leuke activiteiten ondernomen op de groep en lijkt het al beter te gaan. Tegelijkertijd blijft [voornaam minderjarige] wel kwetsbaar. Samen met de psychiater is besloten om te starten met medicatie ter ondersteuning van haar slaap. Dat traject is inmiddels in gang gezet. Vanaf 21 juli 2026 gaat gestart worden met de behandeling die vanuit Yulius was voorgeschreven voor haar trauma’s en hechtingsproblematiek. De vader heeft de verantwoordelijkheid voor [voornaam minderjarige] volledig bij de GI gelegd. Hierdoor ervaart [voornaam minderjarige] rust. [voornaam minderjarige] mist haar zusje en hond wel. Met de moeder heeft [voornaam minderjarige] wel regelmatig contact en dat verloopt goed. Het contact wordt vanuit de GI wel zorgvuldig gemonitord.

5.De beoordeling

5.1.
De kinderrechter is van oordeel dat aan de voorwaarden voor een verlenging van de ondertoezichtstelling is voldaan. [1] Ook is de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] noodzakelijk in het belang van de verzorging en opvoeding. [2] De kinderrechter legt hieronder uit waarom.
5.2.
De ontwikkeling van [voornaam minderjarige] wordt nog steeds ernstig bedreigd, doordat zij zeer kwetsbaar is en trauma- en hechtingsproblemen heeft. [voornaam minderjarige] is na een escalatie bij de vader afgelopen februari wederom uit huis geplaatst. De vader heeft inmiddels bij de GI aangegeven dat hij niets meer met [voornaam minderjarige] te maken wil hebben. Dit is zeer zorgelijk. [voornaam minderjarige] verblijft sinds twee weken bij Pluryn. Zij lijkt het hier naar haar zin te hebben en rust te ervaren. Vooral in de nachten is [voornaam minderjarige] echter nog zeer kwetsbaar en kan zij erg down zijn. Het is dan ook van belang dat de traumabehandeling vanuit Yulius zo snel mogelijk zal starten, zodat [voornaam minderjarige] ook daarin meer rust kan ervaren. De regie van de GI is hier nodig.
5.3.
De ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing zijn daarom nog steeds nodig. De kinderrechter verlengt de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] voor de duur van één jaar.
5.4.
De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.

6.De beslissing

De kinderrechter:
6.1.
verlengt de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] tot 6 juli 2027;
6.2.
verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder tot 6 juli 2027;
6.3.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 30 juni 2026 door mr. N. Doorduijn, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. N.E. Moerkerken als griffier, en op schrift gesteld op 7 juli 2026.
Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:
  • degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
  • andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.

Voetnoten

1.Artikel 1:260 BW Pro.
2.Artikel 1:265c, tweede lid, BW.