Uitspraak
RECHTBANK Rotterdam
1.De procedure
- de dagvaarding van 23 januari 2026, met bijlagen 1 tot en met 11;
- de mondelinge behandeling op 29 januari 2026.
2.De vorderingen
3.De beoordeling
178,00(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Rechtbank Rotterdam
Stichting Havensteder vordert in kort geding dat gedaagde wordt veroordeeld om medewerking te verlenen aan diverse onderhouds- en verbeteringswerkzaamheden in de huurwoning en bijbehorende berging, waaronder het vervangen van mechanische ventilatie, plaatsen van CO₂-meters, en het uitvoeren van een asbestonderzoek.
Gedaagde is niet verschenen, waardoor verstek is verleend. De voorzieningenrechter acht het spoedeisend belang van Havensteder voldoende onderbouwd en oordeelt dat de vorderingen niet onrechtmatig of ongegrond zijn. De gevorderde ontruimingstermijn van 24 uur wordt echter niet toegewezen; de wettelijke termijn van drie dagen na betekening wordt gehandhaafd.
De voorzieningenrechter veroordeelt gedaagde om de werkzaamheden en voorbereidingen te gedogen en bij weigering de woning binnen drie dagen na betekening tijdelijk te verlaten. Tevens wordt gedaagde veroordeeld in de proceskosten van Havensteder, begroot op €1.781,02, met een extra vergoeding bij niet-tijdige nakoming. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Vordering tot medewerking aan werkzaamheden in huurwoning toegewezen met ontruimingstermijn van drie dagen na betekening.