Uitspraak
RECHTBANK Rotterdam
[handelsnaam],
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
- zoals hiervoor al is opgemerkt heeft [gedaagde] het recht om zekerheid te zoeken voor haar – vooralsnog niet vaststaande – vordering door het beslag te leggen. Daarbij verdient opmerking dat op [gedaagde] de plicht rust tot schadebeperking. Niet inzichtelijk gemaakt is in hoeverre [gedaagde] aan die verplichting heeft voldaan door te trachten op andere manieren inkomsten te genereren, en, in dat licht, of niet sprake is van een, inmiddels, enigszins opgeklopte vordering.
- daartegenover staat dat aannemelijk is dat VV Spijkenisse als een voetbalclub die gerund wordt door vrijwilligers niet aan vermogensvorming doet en geld heeft moeten lenen om financieel staande te blijven. Hoewel mager onderbouwd is wel gebleken dat de financiële situatie van VV Spijkenisse op dit moment penibel is: het vet op de botten van de vereniging wordt, ook gelet op het tijdverloop, steeds minder, terwijl zij wel drukkende doorlopende lasten heeft. In die situatie past het VV Spijkenisse niet om nu alternatieve financieringen aan te gaan of zekerheden te zoeken zoals geopperd door [gedaagde] in haar pleitnotitie onder randnummers 36-38. Indien en voor zover het op grond van objectief verstrekte informatie al mogelijk zou blijken dat aan VV Spijkenisse aanvullende alternatieve zekerheid wordt verstrekt, laat dit onverlet dat dergelijke zekerheden in het algemeen gepaard gaan met hoge (rente-)lasten. Op dit moment hiervoor kiezen lijkt daarom niet in het belang van VV Spijkenisse. Ten aanzien van de door [gedaagde] voorgestelde optie 1 merkt de voorzieningenrechter nog specifiek op dat de keuze om nadere clementie te verlenen bij [naam bestuurslid] ligt en niet bij [gedaagde] , waarbij het nog maar de vraag is in hoeverre VV Spijkenisse hierdoor zou worden geholpen gelet op de dan doorlopende (boete-) rentelast verbonden aan de lening. Andere opties die [gedaagde] noemt – crowdfunding, obligatieleningen onder de leden – zijn (ook) afhankelijk van de bereidheid van anderen.