ECLI:NL:RBROT:2026:9126

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
11 juni 2026
Publicatiedatum
27 juli 2026
Zaaknummer
10-031440-99
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verlenging terbeschikkingstelling wegens laag recidiverisico en positieve vooruitgang

De rechtbank Rotterdam behandelde op 11 juni 2026 de vordering van het openbaar ministerie tot verlenging van de terbeschikkingstelling van een man die sinds 2002 ter beschikking is gesteld wegens meervoudige verkrachting. De ter beschikking gestelde heeft een licht verstandelijke beperking en een neurocognitieve stoornis, maar vertoont geen antisociaal gedrag meer en is abstinent van middelen.

Psychiater en reclassering adviseerden beiden om de maatregel niet te verlengen, omdat het recidiverisico laag is en de ter beschikking gestelde adequaat is ingebed in een stabiele omgeving met voldoende vangnetten. De ter beschikking gestelde woont zelfstandig, heeft een positieve levenshouding en accepteert begeleiding.

De rechtbank concludeert dat voortzetting van de tbs-maatregel niet langer noodzakelijk is en wijst de vordering van het openbaar ministerie af. Tegen deze beslissing staat beroep open bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot verlenging van de terbeschikkingstelling af wegens laag recidiverisico en voldoende stabiliteit buiten de maatregel.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam
Team straf 2
Parketnummer: 10-031440-99
Datum uitspraak: 11 juni 2026
Beslissing van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, met betrekking tot de terbeschikkingstelling van:
[ter beschikking gestelde](hierna: de ter beschikking gestelde),
geboren te [geboorteland] op [geboortedatum] 1958,
feitelijk verblijvende op het adres:
[adres] , [postcode] te [woonplaats] ,
raadsvrouw mr. D.N.A. Brouns, advocaat te Amsterdam-Duivendrecht.

1.Inleiding

Bij vonnis van deze rechtbank van 10 juli 2000, bevestigd bij arrest van het gerechtshof Den
Haag van 30 november 2000 is de terbeschikkingstelling van [ter beschikking gestelde] gelast en is zijn
verpleging van overheidswege (dwangverpleging) bevolen.
De terbeschikkingstelling is gelast ter zake verkrachting, meermalen gepleegd. De
termijn van de terbeschikkingstelling is aangevangen op 22 mei 2002.
Bij beslissing van deze rechtbank van 26 mei 2025 is de terbeschikkingstelling laatstelijk verlengd met één jaar.

2.Procesverloop

De rechtbank heeft op 16 april 2026 van het openbaar ministerie een vordering ontvangen tot verlenging van de terbeschikkingstelling met voorwaarden. De vereiste stukken zijn bijgevoegd dan wel toegezonden.
De vordering is op de openbare terechtzitting van 11 juni 2026 behandeld. De officier van justitie mr. S. Verhoek, de ter beschikking gestelde, bijgestaan door zijn raadsvrouw, en – middels telefonische verbinding – als deskundige de heer [naam deskundige] , werkzaam als reclasseringswerker bij Reclassering Nederland, zijn gehoord.

3.Adviezen

Advies psychiater
Psychiater [naam psychiater] adviseert in het rapport, gedateerd 8 februari 2026, de terbeschikkingstelling niet te verlengen.
De ter beschikking gestelde heeft een licht verstandelijke beperking en een beperkte neurocognitieve stoornis. Hij heeft daarnaast een stoornis in cannabisgebruik (langdurig in remissie). De ter beschikking gestelde vertoonde antisociaal gedrag, maar dit is in langdurige remissie.
Momenteel zijn er diverse beschermende factoren die deels gelieerd zijn aan het huidige risicomanagement. Dit betekent dat het risico op een geweldsdelict of op een zedendelict in de toekomst als matig oplopend naar hoog wordt ingeschat, indien de ter beschikking gestelde geen externe hulp ontvangt. Indien hij de externe hulp wel behoudt, is het risico laag.
De omstandigheden die destijds rond de indexdelicten aanwezig waren, zijn nu anders. De ter beschikking gestelde is inmiddels adequaat ingebed in een voor hem gunstige omgeving die recht doet aan zijn tekorten. Hij is abstinent van middelen. Hij stelt zich begeleidbaar op en houdt zich aan de afspraken. Hij heeft al lange tijd bewezen dat hij in staat is om samen te werken. Dat is ook noodzakelijk, omdat hij met zijn handicaps afhankelijk zal blijven van anderen. De diverse levensgebieden zijn adequaat ingevuld. Ervan uitgaande dat de noodzakelijke aanvullende zorg vanuit de WMO kan worden gefinancierd is een tbs-maatregel niet langer noodzakelijk.
Advies reclassering
De reclassering adviseert in het rapport, gedateerd 4 maart 2026, de terbeschikkingstelling niet te verlengen.
Tijdens het proefverlof (mei 2024) zette de ter beschikking gestelde zich actief in en toonde zich open over zijn gevoels- en belevingswereld. Inmiddels is de medicatie volledig afgebouwd en sinds juli 2025 woont de ter beschikking gestelde zelfstandig middels proefwonen. De ter beschikking gestelde heeft tijdens de tbs-behandeling ruim voldoende beschermende factoren opgebouwd. Naast een passende huisvesting, stabiele financiën, een adequate dagbesteding en een positief netwerk worden met name abstinentie van middelen, het aanvaarden van begeleiding (ook binnen een vrijwillig kader) en zijn huidige normen en waarden als beschermend gezien. Hij heeft hard gewerkt om in de huidige situatie te komen. De ter beschikking gestelde streeft positieve levensdoelen na en wijst criminele en heimelijke gedragingen af. Er is geen antisociaal gedrag waargenomen.
Gelet op de beperkingen van de ter beschikking gestelde blijft hij een kwetsbare man die zich zijn leven lang bewust moet blijven om situaties die hem spanningen en frustraties geven adequaat het hoofd te bieden om terugval in oude patronen te voorkomen. In zijn geval betekent dit dat hij dergelijke gevoelens bespreekbaar maakt en indien nodig ondersteuning blijft vragen. De ter beschikking gestelde onderschrijft de noodzaak van ondersteuning.
Het risico op recidive is reeds langere tijd op een aanvaardbaar niveau gekomen. De reclassering komt tot de conclusie dat de risicofactoren binnen de tbs-behandeling voldoende zijn bewerkt en dat de ter beschikking gestelde binnen een vrijwillig kader de aanwezige steunstructuur kan behouden. Om die reden acht de reclassering een verlenging van de maatregel tbs niet noodzakelijk.
Op de terechtzitting gegeven adviezen
De deskundige heeft het verlengingsadvies op de zitting toegelicht. Hij heeft onder meer verklaard – zakelijk weergegeven – dat het recidiverisico al een lange tijd op een aanvaardbaar niveau is. De ter beschikking gestelde kan ook voldoende steun krijgen in een vrijwillig kader. De tbs-behandeling is niet langer noodzakelijk.

4.Standpunt van partijen

Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft geconcludeerd tot afwijzing van de vordering.
Standpunt van de ter beschikking gestelde
De ter beschikking gestelde en de raadsman hebben afwijzing van de vordering verzocht.

5.Beoordeling

De rechtbank stelt vast dat de ter beschikking gestelde het afgelopen jaar verder heeft toegewerkt naar een positieve afronding van de terbeschikkingstelling. De vraag is of nog er reden is om de maatregel te verlengen. Volgens de deskundige is het recidiverisico laag. Met de reclassering is de rechtbank van oordeel dat er inmiddels voldoende vangnet bestaat om de stabiliteit die de afgelopen jaren is bereikt, ook buiten het kader van de maatregel te waarborgen. Gelet op het voorgaande is voortzetting van de tbs-maatregel niet langer noodzakelijk. De vordering tot verlenging van de terbeschikkingstelling wordt daarom afgewezen.

6.Beslissing

De rechtbank:
wijst afde vordering van de officier van justitie.
Deze beslissing is genomen door mr. P.C. Tuinenburg, voorzitter,
en mrs. H.C. van Vuren en I. Bouhdan, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. L.C. Suiker, griffier en uitgesproken op de openbare terechtzitting.
De jongste rechter is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.
Tegen deze beslissing kan het openbaar ministerie binnen veertien dagen na de uitspraak en de ter beschikking gestelde binnen veertien dagen na betekening daarvan beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.