ECLI:NL:RBROT:2026:9173

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
10 juni 2026
Publicatiedatum
28 juli 2026
Zaaknummer
HO RK 26/308
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 370 lid 1 FwArt. 370 lid 3 FwArt. 376 FwArt. 369 lid 6 FwArt. 369 lid 7 Fw
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tijdelijke voorziening afkoelingsperiode in besloten akkoordprocedure ex artikel 376 Faillissementswet

Verzoekster, een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid gevestigd te Rotterdam, heeft op 5 juni 2026 een verzoek ingediend tot het afkondigen van een afkoelingsperiode ex artikel 376 Faillissementswet Pro voor een periode van vier maanden. Dit verzoek maakt deel uit van een besloten akkoordprocedure buiten faillissement, waarbij verzoekster voornemens is een akkoord aan haar schuldeisers aan te bieden.

De rechtbank stelt vast dat verzoekster statutair gevestigd is in Rotterdam en dat de rechtbank Rotterdam rechtsmacht en bevoegdheid heeft om van het verzoek kennis te nemen. Gezien de spoedeisendheid van de situatie, mede doordat een schuldeiser, Huntsman Holland B.V., een faillissementsaanvraag heeft ingediend die op 16 juni 2026 op de rol staat, wordt bij wijze van tussenbeslissing een voorlopige afkoelingsperiode verleend.

De afkoelingsperiode geldt tot de eindbeslissing op het verzoek en houdt in dat derden geen verhaal kunnen nemen op goederen van verzoekster zonder machtiging van de rechtbank. Tevens wordt de behandeling van het faillissementsverzoek van Huntsman Holland B.V. geschorst. Huntsman Holland B.V. wordt in de gelegenheid gesteld om uiterlijk 16 juni 2026 een zienswijze in te dienen en bij de zitting op 18 juni 2026 aanwezig te zijn.

De zitting voor de behandeling van het verzoek tot afkondiging van de afkoelingsperiode zal plaatsvinden op 18 juni 2026 via een online videoverbinding. Verzoekster is verplicht een kopie van de beschikking aan Huntsman Holland B.V. te verstrekken.

Uitkomst: De rechtbank heeft een voorlopige afkoelingsperiode toegekend en de behandeling van het faillissementsverzoek geschorst.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Insolventies – meervoudige kamer
tijdelijke voorziening afkoelingsperiode
zaak/rekestnummer: C/10/720974 HO RK 26/308
uitspraakdatum: 10 juni 2026
beschikking op het ingekomen verzoekschrift tot het afkondigen van een afkoelingsperiode ex artikel 376 Faillissementswet Pro (Fw) in de besloten akkoordprocedure van:
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[verzoekster],
statutair gevestigd te Rotterdam,
hierna te noemen: verzoekster,
advocaat: mr. M. Kooiman, kantoorhoudende te Rotterdam.

1.De procedure

1.1.
Verzoekster heeft op 4 juni 2026 een verklaring ex artikel 370 lid 3 Fw Pro ter griffie gedeponeerd.
1.2.
Verzoekster heeft gekozen voor een besloten akkoordprocedure buiten faillissement.
1.3.
Verzoekster heeft op 5 juni 2026 ter griffie een verzoekschrift, met acht bijlagen, ingediend tot het afkondigen van een afkoelingsperiode ex artikel 376 Fw Pro voor een periode van vier maanden.
1.4.
Verzoekster heeft als belanghebbenden aangeduid:
- Huntsman Holland B.V.;
- ING Bank N.V.

2.Het verzoek

2.1.
Verzoekster doet een verzoek tot het afkondigen van een afkoelingsperiode ex artikel 376 Fw Pro.
2.2.
Verzoekster is voornemens een akkoord als bedoeld in artikel 370 lid 1 Fw Pro aan haar schuldeisers aan te bieden. Verzoekster doet de toezegging om binnen een termijn van twee maanden een dergelijk akkoord aan te bieden.
2.3.
Verzoekster heeft een (spoedeisend) belang bij een afkoelingsperiode, omdat een schuldeiser, te weten Huntsman Holland B.V., het faillissement van verzoekster heeft aangevraagd en deze aanvraag op 16 juni 2026 op de rol staat om te worden behandeld. In verband met de snelheid waarmee een beslissing genomen moet worden, dient deze schuldeisers niet op het verzoek tot afkondiging van een afkoelingsperiode te worden gehoord, aldus verzoekster.

3.De beoordeling

Rechtsmacht en bevoegdheid
3.1.
De rechtbank stelt allereerst vast dat het verzoek een afkoelingsperiode af te kondigen het eerste verzoek is in deze procedure. Dat betekent dat de rechtbank dient vast te stellen voor welk soort procedure, zoals bedoeld in artikel 369 lid 6 Fw Pro, is gekozen bij de voorbereiding van het akkoord. Vervolgens dient de rechtbank te beoordelen of aan haar rechtsmacht en relatieve bevoegdheid toekomen om van het verzoek kennis te nemen.
3.2.
Verzoekster heeft blijkens de startverklaring gekozen voor een besloten akkoordprocedure.
3.3.
Verzoekster is statutair gevestigd en kantoorhoudende in Rotterdam. Gezien het bepaalde in artikel 369 lid 7 aanhef Pro en onder b Fw juncto artikel 3 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) heeft de Nederlandse rechter rechtsmacht om het verzoek in behandeling te nemen. Uit artikel 262 Rv Pro volgt verder dat deze rechtbank bevoegd is van het verzoek kennis te nemen.
Afkoelingsperiode
3.4.
De rechtbank zal de behandeling van het verzoek tot afkondiging van een afkoelingsperiode bepalen op
donderdag 18 juni 2026 om 15:00 uur.
3.5.
Gelet op de gestelde spoedeisendheid zal, bij wijze van tussenbeslissing, een afkoelingsperiode, zoals in het dictum omschreven, voorlopig worden verleend.
3.6.
Nu een afkoelingsperiode gelet op de lopende faillissementsaanvraag met name Huntsman Holland B.V. haar belangen treft, zal zij in de gelegenheid worden gesteld op het verzoek te worden gehoord alvorens een eindbeslissing wordt gegeven. Huntsman Holland B.V. kan daartoe uiterlijk
16 juni 2026 voor 13 uureen zienswijze indienen bij de rechtbank en kan desgewenst bij de zitting van 18 juni 2026 aanwezig zijn.

4.De beslissing

De rechtbank:
- kondigt bij wijze van tijdelijke voorziening per heden een afkoelingsperiode af zoals bedoeld in artikel 376 Fw Pro voor de periode totdat bij eindbeslissing op het verzoek is beslist, die inhoudt:
- dat elke bevoegdheid van derden tot verhaal op goederen die tot het vermogen van verzoekster behoren of tot opeising van goederen die zich in de macht van verzoekster bevinden, niet kan worden uitgeoefend dan met machtiging van de rechtbank, mits die derden geïnformeerd zijn over de afkondiging van de afkoelingsperiode of op de hoogte zijn van het feit dat een akkoord wordt aangeboden, en
- dat de behandeling van het door Huntsman Holland B.V. jegens verzoekster ingediende verzoek tot faillietverklaring wordt geschorst;
- bepaalt dat de behandeling van het verzoek tot afkondiging van een afkoelingsperiode zal plaatsvinden ter zitting van de rechtbank Rotterdam op
donderdag 18 juni om 15:00 uur
via een online videoverbinding, voor de rechters mr. C.G.E. Prenger (voorzitter), mr. J.C.A.T. Frima en mr. P.J. Neijt;
- bepaalt dat verzoekster onverwijld aan Huntsman Holland B.V. een kopie van deze beschikking zal toezenden en haar wijst op de mogelijkheid om via een bij de griffier van de rechtbank Rotterdam op te vragen link deel te nemen aan de zitting en een zienswijze te geven, welke zienswijze uiterlijk
16 juni 2026 voor 15:00 uurdoor de rechtbank dient te zijn ontvangen;
- houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mr. C.G.E. Prenger, voorzitter, mr. J.C.A.T. Frima en
mr. P.J. Neijt, rechters, en in aanwezigheid van mr. S. Verberne-van Ree, griffier, in het openbaar uitgesproken op 10 juni 2026.
De griffier is buiten staat deze
beschikking mede te ondertekenen.