ECLI:NL:RBROT:2026:9355

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
8 juli 2026
Publicatiedatum
30 juli 2026
Zaaknummer
10-030038-25 en 10-219578-25
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak verdachte van belaging, bedreiging, poging zware mishandeling en vernieling

De verdachte werd beschuldigd van meerdere strafbare feiten waaronder bedreiging, vernieling van auto's, belaging, poging tot zware mishandeling en mishandeling van de aangeefster. De officier van justitie vorderde een veroordeling voor alle feiten, terwijl de verdediging vrijspraak bepleitte.

De rechtbank oordeelde dat hoewel de vernieling van de auto’s vaststond, er onvoldoende bewijs was dat de verdachte hiervoor verantwoordelijk was. Ook de bedreigende berichten konden niet overtuigend aan de verdachte worden toegeschreven. Voor belaging ontbrak het aan bewijs over de aard en inhoud van het contact. Ten aanzien van de poging tot zware mishandeling ontbrak overtuigend bewijs dat de verdachte de keel van de aangeefster had dichtgeknepen.

Op basis van het dossier en de verklaringen van de aangeefster en getuige was de rechtbank niet overtuigd van de schuld van de verdachte. Daarom sprak de rechtbank hem vrij van alle tenlastegelegde feiten en hief zij de voorlopige hechtenis op.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten wegens onvoldoende wettig bewijs.

Uitspraak

Rechtbank RotterdamZittingsplaats Dordrecht
Meervoudige kamer strafzaken
Parketnummers: 10-030038-25 en 10-219578-25 (gevoegd ttz.)
Datum uitspraak: 8 juli 2026
Datum zitting: 24 juni 2026
Tegenspraak
Verdachte:
[verdachte],
geboren op [geboortedatum] 1994 in [geboorteplaats] ([geboorteland]),
ingeschreven op het adres [adres], [postcode] [plaatsnaam].
Advocaat van de verdachte: mr. W.M. Shreki
Officier van justitie: mr. B.M. van Heemst
Kern van het vonnis
De verdachte wordt vrijgesproken van belaging, bedreiging, poging tot zware mishandeling dan wel mishandeling en vernieling.

1.Tenlastelegging

De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij – samengevat – aangeefster op meerdere momenten heeft bedreigd en haar auto’s heeft vernield en dat hij aangeefster heeft belaagd en heeft geprobeerd haar zwaar lichamelijk letsel toe te brengen dan wel dat hij haar heeft mishandeld.
De volledige tenlastelegging houdt in dat
Parketnummer 10-030038-25
1
hij op of omstreeks 27 januari 2025 te Maassluis en/of ’s-Gravenzande, althans in
Nederland, [slachtoffer] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door die [slachtoffer] dreigend de woorden toe te voegen:
- “ je moet me deblokkeren op WhatsApp, ik heb je auto al kapot gemaakt en de
volgende keer ben jij het” en/of
- “ ik maak je dood, je hebt nog 29 minuten”,
althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;
2
hij op of omstreeks 27 januari 2025 te Maassluis, opzettelijk en wederrechtelijk een personenauto voorzien van kenteken [kenteken 1] en/of een personenauto voorzien van kenteken [kenteken 2], in elk geval enig goed/enige goederen, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer], in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt;
Parketnummer 10-219578-25 (gewijzigd ttz.)
1
hij in of omstreeks de periode van 27 juni 2025 tot en met 20 juli 2025 te ’s-Gravenzande en/of Maassluis, althans in Nederland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer], door:
- veelvuldig te bellen naar die [slachtoffer] en/of
- veelvuldig (dreigende) berichten te sturen naar die [slachtoffer] en/of diens huisgenoot,
met het oogmerk die [slachtoffer], te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of
vrees aan te jagen;
2
hij in of omstreeks de periode van 27 juni 2025 tot en met 20 juli 2025 te ’s-Gravenzande en/of Maassluis, althans in Nederland, [slachtoffer] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door die [slachtoffer] dreigend de woorden toe te voegen:
- “ uw dood gegarandeerd” en/of
- “ je zult er spijt van krijgen” en/of
- “ ik zal je laten zien wat woede is” en/of
- “ je bent dood”,
althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;
3
primair
hij op of omstreeks 5 juli 2025 te ’s-Gravenzande en/of Maassluis, althans in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen meermaals de keel van die [slachtoffer] heeft vastgepakt met beide handen en/of (vervolgens) gedurende enige tijd heeft dichtgeknepen terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
subsidiair
hij op of omstreeks 5 juli 2025 te ’s-Gravenzande en/of Maassluis, althans in Nederland, zijn levensgezel, [slachtoffer], heeft mishandeld door meermaals de keel van die [slachtoffer] vast te pakken met beide handen en/of (vervolgens) gedurende enige tijd dicht te knijpen.

2.Vrijspraak

2.1.
Vordering van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte voor alle feiten wordt veroordeeld.
2.2.
Conclusie van de verdediging
De verdediging heeft voor alle feiten vrijspraak bepleit.
2.3.
Oordeel van de rechtbank
Parketnummer 10-030038-25
Feiten 1 en 2: bedreiging en vernieling
De aangeefster heeft aangifte gedaan van de vernieling op 27 januari 2025 van de ramen van de bestuurdersportieren van twee personenauto’s van haar. Het staat niet ter discussie dat de ramen vernield zijn. De aangeefster heeft verklaard zeker te weten dat de vernielingen door haar ex-partner, zijnde de verdachte, waren gepleegd. Uit het proces-verbaal van politie volgt dat aangeefster, voordat de aangifte werd opgenomen, werd gebeld door een telefoonnummer waarvan aangeefster had gezegd dat de verdachte dat nummer die dag gebruikte om haar te bereiken. De beller zou volgens de politie in een door een tolk vertaalde en samengevatte opname meermalen hebben gezegd: “Je moet me deblokkeren op whatsapp, ik heb je auto al kapot gemaakt en de volgende keer ben jij het.” Volgens de politie bleef aangeefster tijdens de aangifte berichten binnenkrijgen van ditzelfde nummer, die daarna door de Poolse tolk zijn vertaald. Hierin werden bedreigingen geuit zoals: “Ik maak je dood, je hebt nog 29 minuten.”
Het dossier bevat geen steunbewijs voor de verklaring van de aangeefster dat het de verdachte is geweest die gebruik heeft gemaakt van het telefoonnummer waarmee kort voor en tijdens de aangifte de bedreigende bewoordingen zijn geuit. Evenmin bevat het dossier steunbewijs voor haar verklaring dat het de verdachte is geweest die de personenauto’s van de aangeefster heeft vernield. Er is daarom onvoldoende wettig bewijs voor de feiten waarvan de verdachte wordt beschuldigd. De verdachte moet daarvan dus worden vrijgesproken.
Parketnummer 10-219578-25
Feit 1: belaging
Aangeefster heeft verklaard dat zij enige tijd na de aangifte tegen de verdachte van 27 januari 2025 normaal contact met de verdachte heeft gehad. Vanaf 27 juni 2025 had zij evenwel het idee dat de verdachte haar weer aan het controleren was, waarna ze hem heeft verteld dat zij er klaar mee was. Daarna heeft de verdachte haar veel berichten gestuurd en veelvuldig getracht te bellen, met gebruikmaking van verschillende telefoonnummers, aldus aangeefster. De verdachte heeft verklaard dat hij en de aangeefster, hoewel dit niet was toegestaan vanwege het contactverbod, in de tenlastegelegde periode gewoon met elkaar afspraken en contact met elkaar hadden.
De rechtbank kan op basis van het dossier niet vaststellen dat de verdachte wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van aangeefster met het oogmerk haar tot iets te dwingen of vrees bij haar aan jagen. Weliswaar heeft de aangeefster verklaard over veelvuldig contact tussen haar en de verdachte in de tenlastegelegde periode, maar uit het dossier blijkt niet wanneer dit precies is geweest, en evenmin wat de aard en de inhoud van dit contact zijn geweest. De rechtbank acht belaging daarom niet wettig en overtuigend bewezen. De verdachte moet daarvan dus worden vrijgesproken.
Feit 2: bedreiging
De politie heeft van aangeefster printscreens van twee Facebookberichten en drie Whatsappberichten ontvangen. Volgens de aangeefster waren dit bedreigende berichten van de verdachte die aan haar waren gericht.
De rechtbank stelt vast dat de Facebookberichten twee openbare posts van de verdachte betreffen, in het Pools geschreven en door de politie vertaald als “Uw dood gegarandeerd”. Naar het oordeel van de rechtbank is deze openbare tekst, die voor meerdere uitleg vatbaar is en niet specifiek aan de aangeefster is gericht, onvoldoende om bij haar de redelijke vrees te doen ontstaan dat er gedreigd werd met een misdrijf dat ook gepleegd zou worden.
Van de Whatsappberichten, door de politie vertaald als “je zult er spijt van krijgen”, “ik zal je laten zien wat woede is” en “je bent dood”, kan de rechtbank op basis van het dossier niet vaststellen dat het de verdachte is geweest die de berichten naar de aangeefster heeft gestuurd. De rechtbank acht bedreiging van aangeefster daarom niet wettig en overtuigend bewezen. De verdachte moet daarvan dus worden vrijgesproken.
Feit 3 primair en subsidiair: poging tot zware mishandeling dan wel mishandeling
De aangeefster heeft op 20 juli 2025 aangifte gedaan van zware mishandeling. Aangeefster heeft verklaard dat de verdachte op 5 juli 2025 beide handen om haar keel heeft gedaan en heeft geprobeerd haar te wurgen, waardoor zij geen lucht kreeg. Ze heeft hiervan rode striemen overgehouden die na een dag weer waren weggetrokken. [getuige], huisgenoot en vriendin van de aangeefster, heeft op 21 juli 2025 op de vraag van de politie of ze wel eens letsel bij de aangeefster heeft gezien, verklaard dat zij op 5 juli 2025 rode plekken in haar nek heeft gezien. De getuige heeft verder niets verklaard over het ontstaan van deze rode plekken. Het dossier bevat geen foto’s van het letsel of een nadere beschrijving ervan door de politie.
Op basis van de beschikbare bewijsmiddelen heeft de rechtbank niet de overtuiging gekregen dat de verdachte op 5 juli 2025 de hals van aangeefster heeft vastgepakt en haar keel heeft dichtgeknepen. De verdachte zal daarom worden vrijgesproken van dit feit.

3.Beslissingen

De rechtbank:
Vrijspraak
verklaart niet bewezen dat de verdachte de ten laste gelegde feiten heeft gepleegd en spreekt de verdachte daarvan vrij;
Voorlopige hechtenis
heft op de bevelen tot voorlopige hechtenis van de verdachte; deze voorlopige hechtenis is eerder geschorst.

4.Samenstelling rechtbank en ondertekening

Dit vonnis is gewezen door:
mr. J. de Lange, voorzitter,
en mrs. D.M. Douwes en E.M. Moison, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. J. Nagtegaal, griffier,
en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 8 juli 2026.