ECLI:NL:RBSGR:1999:AA1072
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak en gedeeltelijke veroordeling wegens medeplegen vrijheidsberoving en huisvredebreuk bij bezetting Griekse residentie
De rechtbank te 's-Gravenhage heeft op 27 augustus 1999 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen verdachte, die werd verdacht van medeplegen van een aanslag op de vrijheid van een internationaal beschermd persoon, medeplegen van wederrechtelijke vrijheidsberoving en medeplegen van huisvredebreuk.
De zaak betrof een bezetting van de Griekse residentie door Koerdische activisten, waarbij twee vrouwen en een kind ruim 24 uur van hun vrijheid werden beroofd. Verdachte werd vrijgesproken van het medeplegen van een aanslag op een internationaal beschermd persoon voor zover dit betrekking had op één gegijzelde, maar schuldig bevonden aan medeplegen van vrijheidsberoving en huisvredebreuk.
De verdediging voerde onder meer verweren aan zoals niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie, strijdigheid van nationale wetgeving met internationale verdragen, noodweer, noodweerexces en psychische overmacht. Deze werden door de rechtbank verworpen. De rechtbank hield rekening met tekortkomingen in het onderzoek en de behandeling van de zaak, hetgeen leidde tot een deels voorwaardelijke straf van 12 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.
De rechtbank benadrukte dat hoewel begrip bestaat voor de motivatie van de actie, de wijze van uitvoering met vrijheidsberoving en vernielingen onaanvaardbaar was. Verdachte had een wezenlijke bijdrage geleverd aan de bewaking van de gegijzelden maar zich fatsoenlijk gedragen tegenover hen. De straf houdt rekening met de ernst van de feiten en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van medeplegen aanslag op internationaal beschermd persoon en veroordeeld tot 12 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk.