ECLI:NL:RBSGR:1999:AA1077
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.C.J. van Dooijeweert
- C.W. Rang
- M.A.A. Mondt-Schouten
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verblijfsvergunning langdurig-illegalenbeleid
Eiser, een Marokkaanse vreemdeling die sinds 1989 in Nederland verblijft, verzocht in 1997 om verlenging van zijn verblijfsvergunning voor arbeid in loondienst. De korpschef van de regiopolitie weigerde dit, waarna eiser administratief en vervolgens bestuursrechtelijk beroep instelde. Het geschil betrof de toepassing van het langdurig-illegalenbeleid, waarbij eiser stelde te voldoen aan de vereiste van minimaal zes jaar ononderbroken verblijf en 200 gewerkte dagen per jaar.
Verweerder erkende dat eiser aan het arbeidsvereiste voldeed, maar betwistte het ononderbroken verblijf vanwege uitschrijving uit het bevolkingsregister in 1993. Tevens voerde verweerder aan dat eiser niet voldeed aan het algemene middelenvereiste, hoewel dit niet expliciet in het beleid was opgenomen. De rechtbank oordeelde dat het middelenvereiste niet zonder meer van toepassing is op het langdurig-illegalenbeleid en dat de uitschrijving uit het bevolkingsregister onvoldoende bewijs vormt voor onderbreking van het verblijf.
De rechtbank concludeerde dat het bestreden besluit ondeugdelijk was gemotiveerd, vernietigde het en bepaalde dat verweerder een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van de overwegingen. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en werd de Staat der Nederlanden aangewezen als partij die deze kosten en het griffierecht dient te vergoeden.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.