ECLI:NL:RBSGR:1999:AA1081
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.C.J. van Dooijeweert
- M.A.A. Mondt-Schouten
- J.P. Smit
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verlenging voorwaardelijke verblijfsvergunning Somalische asielzoekers
Eisers, Somalische asielzoekers behorend tot de clanfamilie Hawiye, hadden een aanvraag ingediend voor verlenging van hun voorwaardelijke vergunning tot verblijf, welke door de Staatssecretaris van Justitie werd geweigerd. De rechtbank beoordeelde of het beleid van de Staatssecretaris, dat de provincie Mudug als relatief veilig gebied aanmerkt en een relatie op clanfamilieniveau als voldoende voor terugkeer, redelijk en voldoende gemotiveerd was.
De rechtbank nam diverse ambtsberichten, rapporten van internationale organisaties en eerdere uitspraken in overweging. Hoewel het ambtsbericht van 23 oktober 1998 een relatief veilige situatie in Mudug bevestigde, concludeerde de rechtbank dat het beleid dat terugkeer op basis van clanfamilieniveau toereikend achtte, onvoldoende onderbouwd was. De clanstructuur en veiligheidssituatie vereisen een meer gedetailleerde benadering op clanniveau.
De rechtbank oordeelde dat de beleidswijziging onvoldoende gemotiveerd was en dat de Staatssecretaris niet in redelijkheid tot zijn standpunt kon komen. Daarom werd het bestreden besluit vernietigd, met de opdracht een nieuw besluit te nemen rekening houdend met deze overwegingen. Tevens werden de proceskosten aan de zijde van eisers toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit tot weigering van verlenging van de voorwaardelijke verblijfsvergunning wordt vernietigd.