ECLI:NL:RBSGR:1999:AA5696
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering vergunning verblijf aan minderjarige Tamil uit Sri Lanka
Eiseres, een minderjarige Tamil uit Sri Lanka, vroeg asiel en een vergunning tot verblijf aan in Nederland. Na afwijzing van haar verzoek en bezwaar, stelde zij beroep in tegen de beslissing van de Immigratie- en Naturalisatiedienst. De rechtbank onderzocht of zij gegronde vrees had voor vervolging en of zij aanspraak kon maken op verblijf op grond van het ama-beleid voor alleenstaande minderjarige asielzoekers.
De rechtbank oordeelde dat eiseres niet aannemelijk had gemaakt dat zij persoonlijk een reëel risico liep op vervolging door de Srilankaanse autoriteiten of de Tamil Tijgers. Wel werd geoordeeld dat de beslissing van verweerder om een vergunning tot verblijf te weigeren wegens het ontbreken van adequate opvang in Sri Lanka niet zorgvuldig was voorbereid. Verweerder had onvoldoende rekening gehouden met de feitelijke onmogelijkheid van opvang in de tehuizen voor meisjes en de recente dood van de moeder van eiseres.
De rechtbank vernietigde de bestreden beschikking voor zover deze betrekking had op de weigering van een vergunning tot verblijf op grond van het ama-beleid en bepaalde dat verweerder opnieuw moest beslissen met inachtneming van de overwegingen. Tevens veroordeelde de rechtbank de Staat tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de weigering van de vergunning tot verblijf en gelast hernieuwde besluitvorming met inachtneming van de overwegingen.