ECLI:NL:RBSGR:1999:AA5702
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.J.S. Korteweg-Wiers
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige staandehouding en bewaring vreemdeling leidt tot schadevergoeding
De vreemdeling, van Oekraïense nationaliteit, werd op 22 augustus 1999 staandegehouden terwijl zij slapend op de achterbank van een verlaten auto zat. De verbalisanten vroegen haar identiteit, maar omdat zij niet de bestuurder was en geen concrete aanwijzing bestond voor illegaal verblijf, was de staandehouding onrechtmatig.
De rechtbank stelde vast dat de verbalisanten niet bevoegd waren haar te verzoeken zich te identificeren op grond van de Wegenverkeerswet 1994 en de Vreemdelingenwet. Hierdoor ontbrak een toereikende grondslag voor de daaropvolgende inbewaringstelling en uitzetting.
De rechtbank kende de vreemdeling een schadevergoeding toe van 800 gulden voor vier dagen onrechtmatige bewaring en veroordeelde de Staat tot betaling van proceskosten. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open voor zover het de schadevergoeding betreft.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat de staandehouding en bewaring onrechtmatig waren en kent een schadevergoeding toe van 800 gulden.