ECLI:NL:RBSGR:1999:AA5930
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering vluchtelingenstatus en verblijfsvergunning wegens onzorgvuldige medische beoordeling
Eiser, een Iraakse Koerd, verzocht om toelating als vluchteling en een verblijfsvergunning. Zijn verzoeken werden door verweerder afgewezen wegens kennelijke ongegrondheid. Eiser stelde dat hij in Irak werd gemarteld en medische behandeling nodig had vanwege ernstige gezondheidsklachten, waaronder een posttraumatische stressstoornis.
De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij persoonlijk vervolging te vrezen had wegens politieke activiteiten. Wel werd geoordeeld dat verweerder onvoldoende onderzoek had gedaan naar de medische situatie van eiser en de noodzaak van verblijf op grond van traumata. Verweerder had niet adequaat navraag gedaan naar medische rapporten en het aangekondigde onderzoek van Amnesty International.
De rechtbank vernietigde het besluit voor zover het de weigering van een verblijfsvergunning op medische gronden betrof en beval een nieuw besluit met inachtneming van de medische omstandigheden. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten. De rechtbank bevestigde dat eiser geen acute vluchtelingensituatie aannemelijk had gemaakt, maar dat de medische situatie een heroverweging rechtvaardigde.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van de verblijfsvergunning op medische gronden wordt vernietigd en verweerder dient een nieuw besluit te nemen.