ECLI:NL:RBSGR:1999:AA6470
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E.H. de Jong-van Dooijeweert
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering vergunning tot verblijf op grond van driejarenbeleid
Eiser, een Liberiaanse vreemdeling die sinds 1990 in Nederland verblijft, verzocht in 1996 om verlenging van zijn vergunning tot verblijf met als doel arbeid na verbreking huwelijk. Verweerder wees dit verzoek af, waarna eiser bezwaar en beroep instelde. De rechtbank verklaarde in 1998 het beroep gegrond voor zover het ging om de weigering van een voorwaardelijke vergunning tot verblijf (vvtv).
In 1999 stelde verweerder het bezwaar opnieuw ongegrond, waarop eiser opnieuw beroep instelde. De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende onderzoek had gedaan naar de mogelijkheid van verlening van een vergunning tot verblijf op grond van het driejarenbeleid, ondanks het langdurig verblijf en de onzekerheid van eiser. Verweerder had nagelaten te onderzoeken of eiser aan de voorwaarden voldeed, waaronder het tijdsverloop van meer dan drie jaar en de situatie in Liberia.
De rechtbank overwoog dat het vvtv-beleid niet uitsluitend geldt voor asielzoekers en dat eiser, ondanks het ontbreken van een asielaanvraag, in aanmerking kan komen voor een vvtv. Tevens werd vastgesteld dat de situatie in Liberia niet stabiel was en dat eiser niet tijdig was gehoord. Het bestreden besluit werd vernietigd wegens strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel (artikel 3:2 Awb Pro). Verweerder werd veroordeeld tot het nemen van een nieuw besluit en tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onvoldoende onderzoek naar het driejarenbeleid en verweerder wordt veroordeeld tot het nemen van een nieuw besluit.