ECLI:NL:RBSGR:1999:AF0184
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Schorsing executie ontruimingsvonnis wegens afkoelingsperiode en belangenafweging
Op 26 mei 1999 werd een definitieve schuldsaneringsregeling uitgesproken ten aanzien van X. en Y., waarbij een bewindvoerder werd benoemd. Kort daarna ontbond de kantonrechter de huurovereenkomst en veroordeelde X. en Y. tot ontruiming en betaling van achterstallige huur. Tegen dit vonnis werd hoger beroep ingesteld.
De rechter-commissaris stelde op 17 augustus 1999 een afkoelingsperiode van een maand vast, die de ontruiming zou moeten opschorten. De bewindvoerder stelde dat deze periode de ontruiming in de weg stond, terwijl Vesteda Management B.V. opdracht gaf tot uitvoering van de ontruiming.
De rechtbank oordeelde dat het ontruimingsvonnis rechtsgeldig was, maar dat de afkoelingsperiode en een belangenafweging, mede gezien de aanvraag van een bijstandsuitkering door X. en Y., aanleiding gaven tot opschorting van de executie. De rechtbank verbood daarom de voortgang van de ontruiming en wees de kosten toe aan Vesteda.
Uitkomst: De rechtbank schorst de executie van het ontruimingsvonnis vanwege de afkoelingsperiode en belangenafweging.