ECLI:NL:RBSGR:2000:AA5761
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- H.C. Greeuw
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing asielaanvragen en opheffing vrijheidsontneming wegens onredelijke termijnoverschrijding
Verzoekers, staatloze personen uit Libanon, dienden asielaanvragen in die werden afgewezen binnen de zogenoemde AC-procedure, een versnelde procedure van 48 uur. De rechtbank behandelde het beroep tegen deze afwijzing en het beroep tegen de vrijheidsontnemende maatregel opgelegd aan verzoekers.
De kern van het geschil betrof de overschrijding van de 48-uurstermijn in de AC-procedure en de vraag aan wie deze termijnoverschrijding moest worden toegerekend. Verweerder stelde dat de overschrijding het gevolg was van de door verzoekers gebruikte tijd voor rechtsbijstand, terwijl verzoekers betoogden dat wachttijd zonder daadwerkelijke rechtsbijstand niet aan hen kon worden toegerekend.
De rechtbank oordeelde dat de beleidsregels geen steun bieden voor de uitleg van verweerder dat ook ongebruikte wachttijd onder de tijd voor rechtsbijstand valt. De feitelijk gebruikte tijd voor rechtsbijstand bleef binnen de formeel beschikbare uren. De overschrijding van de termijn kon derhalve niet aan verzoekers worden toegerekend. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de bestreden beschikkingen, beval een nieuwe beslissing en oordeelde dat de vrijheidsontnemende maatregel onrechtmatig was vanaf 19 februari 2000. Tevens werd schadevergoeding toegekend.
De rechtbank wees het verzoek om voorlopige voorziening af, veroordeelde verweerder in proceskosten en bepaalde dat het betaalde griffierecht aan verzoekers wordt vergoed. De uitspraak werd gedaan door de fungerend president H.C. Greeuw op 3 maart 2000.
Uitkomst: Beroep gegrond verklaard, bestreden beschikkingen vernietigd, vrijheidsontneming opgeheven en schadevergoeding toegekend.