ECLI:NL:RBSGR:2000:AA6042
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening tegen buiten behandeling stelling verblijfsvergunning
Verzoekster, een vreemdeling uit voormalig Zaïre, diende meerdere aanvragen in voor een vergunning tot verblijf bij haar Nederlandse echtgenoot. De eerste aanvraag werd afgewezen en de tweede buiten behandeling gesteld wegens het ontbreken van een machtiging tot voorlopig verblijf en het niet tijdig overleggen van recente medische gegevens.
Verzoekster stelde dat zij vrijstelling van het mvv-vereiste toekomt vanwege een acute medische noodsituatie en deed een beroep op de hardheidsclausule. De staatssecretaris stelde dat de aanvraag niet in behandeling kon worden genomen omdat niet binnen de gestelde termijn de gevraagde medische informatie was aangeleverd.
De president van de rechtbank oordeelde dat de bewijslast voor vrijstelling niet volledig bij verzoekster ligt en dat de staatssecretaris de stellingen van verzoekster inhoudelijk moet onderzoeken. Het ontbreken van recente medische verklaringen vormde onvoldoende grond om de aanvraag buiten behandeling te stellen.
Daarom werd het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening toegewezen, waardoor verzoekster de beslissing op haar bezwaar in Nederland kan afwachten. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige voorziening wordt toegewezen zodat verzoekster de beslissing op haar bezwaar kan afwachten.