ECLI:NL:RBSGR:2000:AA6167
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.E. van den Steenhoven-Drion
- E. de Rooij
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verblijfsvergunning Surinaamse vreemdeling op medische en gezinsgronden
Eiser, een Surinaamse vreemdeling, vroeg om verlenging van zijn verblijfsvergunning in Nederland met als doel medische behandeling. De aanvraag werd aanvankelijk afgewezen, waarna bezwaar en beroep volgden. De rechtbank onderzocht of eiser rechten kon ontlenen aan de Overeenkomst tussen Nederland en Suriname van 1981, met name aan Bijlage 1 die specifieke toelatingsregels bevatte.
De rechtbank stelde vast dat de beleidsregels in Bijlage 1 afwijken van het algemene toelatingsbeleid en dat de Vreemdelingencirculaire (Vc) van 1994 een beleidswijziging vormde die niet conform artikel 9 van Pro de Overeenkomst was genotificeerd aan Suriname. Desondanks oordeelde de rechtbank dat deze niet-notificatie niet de rechtmatigheid van het beleid aantastte. Eiser kon daarom geen rechten ontlenen aan Bijlage 1 en moest voldoen aan het algemene beleid uit de Vc 1994.
Verder concludeerde de rechtbank dat verweerder het eerdere besluit van 1 oktober 1997 op onzorgvuldige wijze had genomen, mede omdat het medisch advies waarop het was gebaseerd niet voldeed aan de vereiste zorgvuldigheid. Ook was onvoldoende gemotiveerd dat eiser niet meer afhankelijk was van zijn moeder C, die in Nederland verblijft. Ten slotte oordeelde de rechtbank dat verweerder onvoldoende had getoetst aan artikel 8 EVRM Pro over familie- en gezinsleven.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat verweerder een nieuw besluit moet nemen rekening houdend met deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.