ECLI:NL:RBSGR:2000:AA6549
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- A.H. van Delden
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot verbod uitlevering aan Spanje wegens risico foltering
Eiser, een Spaanse nationaliteit, verzocht in Nederland asiel en werd later aangehouden op verzoek van Spanje wegens een verdenking van medeplegen van moord in 1980. De uitlevering aan Spanje werd door de rechtbank Haarlem toelaatbaar verklaard en het cassatieberoep van eiser werd door de Hoge Raad verworpen. De minister van Justitie besloot vervolgens de uitlevering toe te staan.
Eiser vorderde in kort geding dat de minister werd verboden hem uit te leveren aan Spanje, althans garanties te bedingen dat uitlevering niet zou leiden tot schending van artikel 3 EVRM Pro en het VN-folterverdrag. Eiser stelde dat er reëel risico bestond op foltering en mishandeling, mede gelet op eerdere ervaringen en rapporten van mensenrechtenorganisaties.
De rechtbank oordeelde dat het vertrouwensbeginsel in beginsel geldt tussen verdragsstaten en dat de minister mocht vertrouwen op naleving van EVRM-rechten door Spanje. De aangevoerde rapporten en vermoedens van foltering waren onvoldoende concreet om het risico op een schending van artikel 3 EVRM Pro aannemelijk te maken. Ook de vrees voor schending van artikel 6 EVRM Pro (recht op een eerlijk proces) werd niet gegrond bevonden, mede door toezeggingen van de minister aan de Spaanse autoriteiten.
De rechtbank concludeerde dat de minister niet onrechtmatig had gehandeld en wees alle vorderingen af. Eiser werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Alle vorderingen tot verbod op uitlevering aan Spanje worden afgewezen.