ECLI:NL:RBSGR:2000:AA6567
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Y.A.A.G. de Vries
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen uitzettingsbesluit wegens ontbreken geldige machtiging tot voorlopig verblijf
Verzoeker, een Surinaamse nationaliteit bezittende vreemdeling, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning vanwege verblijf bij zijn Nederlandse partner. De aanvraag werd buiten behandeling gesteld wegens het ontbreken van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). Verzoeker maakte bezwaar en verzocht om een voorlopige voorziening om de uitzetting te schorsen totdat op het bezwaar zou zijn beslist.
De rechtbank overwoog dat verzoeker niet voldeed aan het mvv-vereiste, dat slechts in zeer bijzondere gevallen kan worden afgezien van dit vereiste. Verzoekers beroep op de hardheidsclausule en het vertrouwensbeginsel faalden, evenals zijn argumenten op grond van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en de bilaterale Overeenkomst tussen Nederland en Suriname. Ook de persoonlijke omstandigheden, zoals de miskraam van zijn echtgenote, rechtvaardigden geen uitzondering.
De rechtbank concludeerde dat het bezwaar geen redelijke kans van slagen heeft en dat de uitzetting niet onrechtmatig is. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd daarom afgewezen en het bezwaar ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om schorsing van de uitzetting wordt afgewezen en het bezwaar tegen de buitenbehandelingstelling wordt ongegrond verklaard.