ECLI:NL:RBSGR:2000:AA6897
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling met vervalst paspoort
Verzoeker, een Turkse vreemdeling die sinds 1987 in Nederland verblijft, diende een verzoek om voorlopige voorziening in om zijn uitzetting te voorkomen zolang bezwaar tegen de weigering van een verblijfsvergunning loopt. Hij erkende het gebruik van een vervalst paspoort in 1987 om een SOFI-nummer te verkrijgen, maar stelde dat dit paspoort sindsdien niet meer is gebruikt en in 1991 door Turkse autoriteiten is ingenomen.
De Staatssecretaris van Justitie wees het verzoek tot heroverweging af op grond van het beleid dat vreemdelingen die valse documenten gebruikten, in principe geen verblijfsvergunning krijgen. De president van de rechtbank oordeelde echter dat het vervalste paspoort in dit geval niet relevant is voor de huidige procedure en dat verzoeker daarmee geen schijn van legaliteit heeft gewekt.
Verder werd meegewogen dat verzoeker sinds lange tijd in Nederland woont en geïntegreerd is geraakt. De president gaf aan dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd hoe het belang van het tegengaan van valse documenten zich verhoudt tot de belangen van verzoeker. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen en werd de Staat veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen uitzetting wordt toegewezen en de Staat wordt veroordeeld in proceskosten en griffierecht.