ECLI:NL:RBSGR:2000:AA7026
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F. Salomon
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek opheffing ongewenstverklaring en vergunning verblijf staatloze vreemdeling
Eiser, een staatloze vreemdeling die sinds 1989 in Nederland verblijft, verzocht om opheffing van zijn ongewenstverklaring en om een verblijfsvergunning om klemmende redenen van humanitaire aard. Na meerdere eerdere veroordelingen en ongewenstverklaringen, waaronder een veroordeling wegens opzetheling, had eiser Nederland niet verlaten, wat volgens het beleid een verblijfsverbod van ten minste vijf jaar tot gevolg heeft.
De rechtbank stelde vast dat eiser onvoldoende pogingen had gedaan om terug te keren naar een land van herkomst of eerder verblijf, en dat het eenmalige contact met de UNHCR ontoereikend was. De rechtbank oordeelde dat de hoorplicht niet was geschonden omdat aan de wettelijke criteria niet was voldaan en dat verweerder terecht het bezwaar tegen het niet opheffen van de ongewenstverklaring en de weigering van de verblijfsvergunning had afgewezen.
De rechtbank verwierp het beroep en concludeerde dat de besluiten in redelijkheid waren genomen en niet in strijd waren met algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Het verzoek tot het horen van aanvullende getuigen werd afgewezen omdat dit geen nieuw relevant bewijs zou opleveren.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het verzoek tot opheffing van de ongewenstverklaring en de weigering van een verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard.