ECLI:NL:RBSGR:2000:AA7028
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.P. Smit
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige bewaring wegens niet geannuleerd visum en toekenning schadevergoeding
Eiser, van Nigeriaanse nationaliteit en zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland, werd op 28 april 2000 in bewaring gesteld op grond van verdenking van overtreding van artikel 10a Opiumwet. Hoewel eiser in het bezit was van een geldig Schengen-visum, stelde de rechtbank vast dat dit visum geen verblijfstitel is en dat de vrije termijn op grond van het verstrekken van een valse naam was beëindigd.
Verweerder stelde dat de bewaring rechtmatig was omdat het visum van rechtswege was vervallen en niet geannuleerd hoefde te worden. De rechtbank oordeelde echter dat het bezit van een geldig visum een uitzettingsbeletsel vormt en dat het visum tijdig geannuleerd had moeten worden via een eenvoudige, telefonisch af te handelen procedure.
Omdat eiser op 28 april 2000 's middags in bewaring werd gesteld en er die dag nog voldoende tijd was om het visum te annuleren, werd de bewaring als onrechtmatig beoordeeld. De rechtbank kende daarom een schadevergoeding toe van fl. 1.000,- en veroordeelde verweerder in de proceskosten van fl. 1.420,-. De bewaring werd op 4 mei 2000 opgeheven en eiser werd uitgezet naar Nigeria.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat de bewaring onrechtmatig was en kent eiser een schadevergoeding van fl. 1.000,- toe.