ECLI:NL:RBSGR:2000:AA7101
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering machtiging tot voorlopig verblijf wegens verbroken gezinsband
Eiseres, geboren in Suriname en met de Surinaamse nationaliteit, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf in Nederland bij haar moeder (referente). De moeder was in Nederland toegelaten op grond van een relatie en had een nieuw gezin gesticht, waarbij eiseres niet hoorde. De aanvraag werd geweigerd omdat de feitelijke gezinsband tussen eiseres en haar moeder definitief was verbroken.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht het beleid inzake gezinshereniging toepaste, waarbij een duurzame gezinsband vereist is. Eiseres kon geen verblijfsrecht ontlenen aan de Overeenkomst Suriname 1981, aangezien haar moeder haar verblijfsrecht niet aan die regeling ontleende. Tevens ontbraken objectieve aanwijzingen dat de moeder haar kind financieel en emotioneel had onderhouden of dat er een blijvende gezinsband bestond.
De rechtbank stelde dat de belangen van de Nederlandse staat bij een restrictief toelatingsbeleid zwaarder wogen dan het belang van eiseres. Er was geen sprake van een inmenging in het familie- of gezinsleven in de zin van artikel 8 EVRM Pro, noch van een positieve verplichting tot toelating. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van een machtiging tot voorlopig verblijf wordt ongegrond verklaard wegens verbroken gezinsband.