ECLI:NL:RBSGR:2000:AA7267
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- G.W.S. de Groot
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening en opheffing vrijheidsontnemende maatregel in asielprocedure Sri Lanka
Verzoeker, een Srilankaanse asielzoeker, diende twee asielaanvragen in die beide werden afgewezen wegens kennelijke ongegrondheid. Tegen de tweede beschikking werd beroep ingesteld en een verzoek om voorlopige voorziening ingediend om schorsing van uitzetting te bewerkstelligen. De rechtbank hield meerdere zittingen en ontving aanvullende informatie, waaronder ambtsberichten en rapporten over de situatie van Tamils in Sri Lanka.
De rechtbank oordeelde dat de geloofwaardigheid van het tweede asielrelaas van verzoeker onvoldoende was, maar dat de situatie in Sri Lanka, met name voor Tamils, verslechterd is en dat het risico op onrechtmatige detentie bij terugkeer reëel is. De beperkte geldigheidsduur van het laissez-passer en de moeizame verkrijging van noodzakelijke documenten zoals de National Identity Card en Police Report vergroten dit risico.
Gelet op deze omstandigheden achtte de rechtbank het aannemelijk dat het beroep een redelijke kans van slagen heeft en dat uitzetting daarom achterwege moet blijven. De vrijheidsontnemende maatregel werd als onrechtmatig beoordeeld en opgeheven. Tevens werd een schadevergoeding toegekend voor de periode van onrechtmatige vrijheidsontneming en werden proceskosten en griffierechten aan verzoeker toegewezen.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt toegewezen, de vrijheidsontnemende maatregel opgeheven en een schadevergoeding toegekend wegens onrechtmatige vrijheidsontneming.