ECLI:NL:RBSGR:2000:AA8278
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- A.C.J. van Dooijeweert
- C.W. Rang
- A.H. Schotman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen weigering vluchtelingenstatus en vergunning verblijf op grond van driejarenbeleid
Eiseres, een Somalische nationaliteit houdende vreemdeling, heeft in december 1994 een aanvraag ingediend voor toelating als vluchteling en een vergunning tot verblijf om klemmende humanitaire redenen. Deze aanvragen werden geweigerd wegens kennelijke ongegrondheid. Eiseres kreeg vervolgens een voorwaardelijke vergunning tot verblijf (vvtv) toegekend, die later werd ingetrokken.
Het geschil betreft de toepassing van het driejarenbeleid, dat vreemdelingen die langer dan drie jaar in onzekerheid verkeren over hun verblijfsstatus onder voorwaarden een vergunning tot verblijf kan verlenen. Verweerder stelt dat de periode waarin eiseres een vvtv bezat niet meetelt als relevant tijdsverloop voor het driejarenbeleid. De rechtbank bevestigt dat dit beleid restrictief en beleidsmatig is en dat het bezit van een vvtv de opbouw van de relevante termijn stuit.
De rechtbank oordeelt dat de periode van 10 december 1994 tot 7 december 1995 als relevant tijdsverloop geldt, omdat de vvtv met terugwerkende kracht werd verleend. Na intrekking van de vvtv op 23 juni 1997 begon de relevante termijn opnieuw te lopen tot de beslissing op bezwaar op 9 oktober 1998. Dit levert echter geen drie jaar relevante tijd op, zodat eiseres niet in aanmerking komt voor een vergunning op grond van het driejarenbeleid. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende relevant tijdsverloop voor toepassing van het driejarenbeleid.