ECLI:NL:RBSGR:2000:AA9288
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Y.A.A.G. de Vries
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning partner wegens ontbreken gelegaliseerde ongehuwdverklaring
Eiser, een Ghanese vreemdeling, verzocht om een verblijfsvergunning voor verblijf bij zijn partner in Nederland. Zijn aanvraag werd afgewezen omdat hij niet kon aantonen dat hij ongehuwd was met gelegaliseerde en geverifieerde documenten. Ondanks het indienen van een ongehuwdverklaring bij de Nederlandse ambassade in Ghana, was deze niet tijdig gelegaliseerd en geverifieerd.
Eiser voerde aan dat de vertraging in de legalisatieprocedure niet aan hem kon worden toegerekend en dat het beleid van verweerder inconsistent was. Tevens beriep hij zich op artikel 8 EVRM Pro en een uitspraak van het EHRM (Ciliz), stellende dat zijn gezinsleven werd belemmerd. De rechtbank oordeelde dat het vereiste van gelegaliseerde documenten een materiële toelatingsvoorwaarde is en dat eiser hier niet aan had voldaan.
De rechtbank stelde vast dat de legalisatieprocedure geen procedure is die het gezinsleven verzekert, maar een formele vereiste voor toelating. Het beroep op artikel 8 EVRM Pro faalde omdat het belang van de Nederlandse staat bij een restrictief toelatingsbeleid zwaarder woog dan het belang van eiser, mede omdat geen objectieve belemmering bestond om het gezinsleven in Ghana voort te zetten.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht het beroep ongegrond had verklaard en dat er geen sprake was van schending van algemene beginselen van behoorlijk bestuur of het EVRM. Het beroep werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van gelegaliseerde en geverifieerde documenten.