ECLI:NL:RBSGR:2000:AA9476
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek machtiging voorlopig verblijf wegens niet voldoen middelenvereiste en belangenafweging gezinsleven
Eiser, een Ethiopische nationaliteit dragende man, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf om bij zijn in Nederland als vluchteling toegelaten echtgenote te kunnen verblijven. De aanvraag werd geweigerd omdat de echtgenote niet voldeed aan het middelenvereiste voor gezinsvorming en er geen klemmende humanitaire redenen waren voor toelating.
De rechtbank overwoog dat er sprake was van een objectieve belemmering om het gezinsleven elders uit te oefenen, aangezien de echtgenote uit Ethiopië komt en Somalië geen reële optie is. Desondanks oordeelde de rechtbank dat er geen positieve verplichting bestaat om eiser toe te laten, omdat van de echtgenote redelijkerwijs kan worden verlangd dat zij zelfstandig in haar levensonderhoud voorziet.
Eiser voerde aan dat ook de belangen van de kinderen meegewogen moesten worden en dat de echtgenote door de zorg voor zes minderjarige kinderen beperkt is in haar arbeidsmogelijkheden. De rechtbank stelde echter vast dat geen enkele poging tot werk zoeken was gedaan en dat de termijn waarbinnen het middelenvereiste kan worden tegengeworpen nog niet was aangebroken.
De rechtbank concludeerde dat verweerder niet onrechtmatig heeft gehandeld door het bezwaar ongegrond te verklaren en wees het beroep af. Er werd geen aanleiding gezien tot kostenveroordeling of vergoeding van griffierecht.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de machtiging tot voorlopig verblijf wordt ongegrond verklaard.