ECLI:NL:RBSGR:2000:AB0225
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag machtiging voorlopig verblijf wegens ontbreken klemmende humanitaire redenen
Eiseres, gehuwd met een houder van een voorwaardelijke vergunning tot verblijf (vvtv), vroeg een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor zichzelf en haar minderjarige kinderen. De aanvraag werd niet tijdig beslist, waarop eiseres bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde. Verweerder nam uiteindelijk een besluit waarin het bezwaar ongegrond werd verklaard.
De rechtbank oordeelde dat het bezwaar tegen het niet tijdig beslissen kennelijk gegrond was, maar dat dit niet leidde tot een hoorplicht jegens eiseres. De inhoudelijke afwijzing van de aanvraag was gebaseerd op het beleid dat houders van een vvtv geen gezinshereniging kunnen realiseren vanwege het tijdelijke karakter van deze vergunning. Eiseres voerde aan dat zij vanwege de schrijnende situatie voor vrouwen in Afghanistan klemmende humanitaire redenen had, maar de rechtbank vond dat zij geen persoonlijke omstandigheden had aangevoerd die dit rechtvaardigden.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht het bezwaar inhoudelijk als kennelijk ongegrond had beoordeeld en dat het beroep ongegrond moest worden verklaard. Tevens werd het verzoek tot proceskostenveroordeling afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de machtiging tot voorlopig verblijf wordt ongegrond verklaard.