ECLI:NL:RBSGR:2000:AB0318
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Luigjes
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering vergunning verblijf wegens onvoldoende belangenafweging en contra-indicatie
Eisers, Albanezen uit Kosovo, vroegen meerdere malen asiel en een verblijfsvergunning op humanitaire gronden aan. Eiser werd geweigerd vanwege een contra-indicatie, namelijk een strafrechtelijke veroordeling voor openlijke geweldpleging. Eiseres en de minderjarige kinderen kregen wel een vergunning op basis van tijdsverloop.
De rechtbank constateerde dat de besluiten van verweerder onvoldoende zorgvuldig waren voorbereid en dat de belangenafweging niet voldoende was gemotiveerd. Belangrijke factoren zoals het lange tijdsverloop, de scheiding van het gezin en de omstandigheden waaronder het strafbare feit werd gepleegd, waren niet adequaat meegewogen.
De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij als vluchteling kon worden aangemerkt, mede vanwege de verbeterde situatie in Kosovo en het bestaan van een binnenlands vestigingsalternatief. Toch werd het beroep van eiser gegrond verklaard wegens schending van artikel 3:2 Awb Pro, waardoor verweerder een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Eiseres beroep werd ongegrond verklaard omdat zij en de kinderen al een vergunning hadden. De rechtbank veroordeelde de Staat tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van een verblijfsvergunning aan eiser wordt vernietigd en verweerder moet een nieuw besluit nemen.