ECLI:NL:RBSGR:2001:AB1912
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om voorlopige voorziening en bezwaar tegen buiten behandeling stellen verblijfsaanvraag wegens ontbreken machtiging voorlopig verblijf
Verzoeker, een Turkse nationaliteit dragende vreemdeling, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning wegens arbeid of humanitaire redenen. Deze aanvraag werd buiten behandeling gesteld door verweerder wegens het ontbreken van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv).
Verzoeker maakte bezwaar en verzocht om een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen tijdens de bezwaarprocedure. De rechtbank oordeelde dat verweerder zich in redelijkheid kon op het standpunt stellen dat een asielaanvraag vereist is voor bescherming op asielgerelateerde gronden en dat de hardheidsclausule niet van toepassing is om af te zien van het mvv-vereiste.
De rechtbank stelde vast dat het mvv-vereiste onverkort geldt en dat het bezwaar tegen het buiten behandeling stellen van de aanvraag ongegrond is. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen, mede omdat geen bijzondere belangen waren gebleken die een andere beslissing rechtvaardigen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening en het bezwaar tegen het buiten behandeling stellen van de verblijfsaanvraag worden afgewezen.