ECLI:NL:RBSGR:2001:AB1927
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beschikking buitenbehandelingstelling verblijfsvergunning wegens onvolledige motivering mvv-vrijstelling
Eiser, afkomstig uit Angola, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning met als doel verblijf bij partner. Deze aanvraag werd buiten behandeling gesteld wegens het ontbreken van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). Eiser voerde aan dat hij vanwege het beleidsmatig uitstel van vertrek voor Angola niet terug kan keren om een mvv aan te vragen. De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom geen vrijstelling van het mvv-vereiste was verleend aan vreemdelingen met uitstel van vertrek, terwijl voor houders van een voorwaardelijke vergunning tot verblijf wel een dergelijke vrijstelling bestond.
Verder werd geoordeeld dat de situatie in Angola onduidelijk is, waardoor terugkeer voor het aanvragen van een mvv niet redelijk kan worden verlangd. De rechtbank vernietigde de beschikking en droeg verweerder op opnieuw te beslissen met inachtneming van deze overwegingen. Daarnaast werd vastgesteld dat een brief van verweerder over een onvolledige aanvraag geen besluit in de zin van de Awb vormt, waardoor het bezwaar daartegen terecht niet-ontvankelijk was verklaard.
De rechtbank veroordeelde verweerder tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht. Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar werd ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak staat geen gewoon rechtsmiddel open.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de beschikking tot buitenbehandelingstelling en draagt verweerder op opnieuw te beslissen met inachtneming van de overwegingen.