ECLI:NL:RBSGR:2001:AB2404
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.J. van Bennekom
- A. Wolfsen
- A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing mvv-aanvraag wegens onvoldoende motivering feitelijke gezinsband
Referente diende namens haar twee minderjarige Surinaamse zonen een aanvraag in voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in Nederland, welke werd afgewezen met het argument dat de feitelijke gezinsband verbroken zou zijn. De rechtbank oordeelt dat de uitleg van verweerder over het beleid inzake de verbreking van de feitelijke gezinsband deels achterhaald is en dat het besluit niet voldoende is gemotiveerd in strijd met artikel 7:2 Awb Pro.
De rechtbank stelt vast dat referente steeds de intentie heeft gehad om haar zonen naar Nederland te laten overkomen en dat de mvv-aanvragen kort na het ontstaan van reëel zicht daarop zijn ingediend. Verweerder heeft onvoldoende aandacht besteed aan de mate waarin referente in het onderhoud en gezag over haar kinderen heeft voorzien, terwijl ook de economische situatie in het land van herkomst relevant is. De vrije bewijsleer in het bestuursrecht vereist dat alle bewijsmiddelen worden betrokken.
De rechtbank concludeert dat het bestreden besluit niet deugdelijk is gemotiveerd, dat verweerder onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de feitelijke gezinsband en dat de motivering niet kenbaar was bij bekendmaking. Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit tot afwijzing van de mvv-aanvraag wordt vernietigd.