ECLI:NL:RBSGR:2001:AD5431
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M. M. Beije
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid bewaring op grond van Wet arbeid vreemdelingen
Eiser is op 27 september 2001 in bewaring gesteld vanwege het ontbreken van rechtmatig verblijf in Nederland en de vrees dat hij zich aan uitzetting zou onttrekken. Hij stelde beroep in tegen deze maatregel en verzocht tevens om schadevergoeding.
De rechtbank beoordeelde of de toepassing van de Wet arbeid vreemdelingen (WAV) en de maatregel van bewaring rechtmatig waren. De rechtbank stelde vast dat zij bevoegd is om te oordelen over de rechtmatigheid van de toepassing van de bevoegdheden uit de WAV, mede op grond van artikel 21 WAV Pro en artikel 71 van Pro de Vreemdelingenwet 2000.
De rechtbank verwierp het verweer van eiser dat een WAV-controle slechts kan plaatsvinden bij gecoördineerde acties of eerdere constatering van illegale vreemdelingen. Ook oordeelde zij dat de aanleiding tot de controle niet in het proces-verbaal hoeft te zijn vermeld.
De maatregel van bewaring is volgens de rechtbank op goede gronden opgelegd en niet onrechtmatig, mede omdat eiser zonder geldige titel verbleef en niet bij de autoriteiten had gemeld. Het voortduren van de bewaring is gerechtvaardigd zolang zicht op uitzetting bestaat. Het beroep en het verzoek om schadevergoeding werden ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.