ECLI:NL:RBSGR:2001:AD5486
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C. Lely - van Goch
- Rechtspraak.nl
Toekenning vluchtelingenstatus aan homoseksuele asielzoeker uit Georgië wegens onhoudbare discriminatie
Eiser, een Georgische homoseksuele man, verzocht in 1998 om vluchtelingenstatus en een verblijfsvergunning wegens vervolging en discriminatie in zijn land. De Immigratie- en Naturalisatiedienst wees dit af, stellende dat homoseksualiteit in Georgië niet strafbaar is en eiser zich had kunnen beschermen door aangifte te doen of elders te vestigen.
De rechtbank oordeelt dat eiser substantieel en ernstig is vervolgd door medeburgers, waaronder verkrachtingen en mishandelingen, waardoor zijn leven onhoudbaar is geworden. De vrees voor represailles door autoriteiten en de maatschappelijke context maken het onredelijk om van eiser te verlangen bescherming te zoeken bij Georgische instanties.
De rechtbank vernietigt de bestreden beschikking wegens onvoldoende motivering en schending van het motiveringsbeginsel. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten en wordt de Staat der Nederlanden aangewezen voor vergoeding van griffierecht. Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de weigering van vluchtelingenstatus en verblijfsvergunning en beveelt een hernieuwde beslissing.