ECLI:NL:RBSGR:2001:AD5808
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning witte illegalen wegens verstrekken onjuiste gegevens
Verzoeker, een Turkse vreemdeling, heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning zonder beperkingen op grond van de tijdelijke regeling voor witte illegalen (TBV 1999/23). Verweerder heeft deze aanvraag afgewezen omdat verzoeker niet voldeed aan voorwaarde 7 van de regeling, namelijk dat geen onjuiste gegevens mogen zijn verstrekt.
De rechtbank heeft het beleid van verweerder getoetst, waarbij verweerder stelde dat het verstrekken van onjuiste gegevens in eerdere vreemdelingenrechtelijke procedures als contra-indicatie geldt. Dit beleid is niet kennelijk onredelijk geacht. Verzoeker voerde aan dat hij geen opzettelijk onjuiste gegevens had verstrekt en beriep zich op eerdere uitspraken, maar deze waren niet vergelijkbaar met zijn situatie.
De rechtbank oordeelde dat verzoeker niet voldeed aan de voorwaarden van de TBV 1999/23 en dat er geen bijzondere omstandigheden waren om van het beleid af te wijken. Het bezwaar werd ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning en het verzoek om voorlopige voorziening worden afgewezen; uitzetting blijft gehandhaafd.