ECLI:NL:RBSGR:2001:AD5872
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.J. van Bennekom
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortzetting vrijheidsontnemende maatregel en medisch onderzoek asielzoeker
Eiser, van Amerikaanse nationaliteit, werd op 15 april 2001 vrijheidsontnemend behandeld op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde dat zijn geestelijke en lichamelijke gezondheidstoestand onvoldoende was onderzocht en dat hij daarom niet in detentie mocht verblijven. De rechtbank verwees naar eerdere uitspraken van 1 en 17 mei 2001 waarin werd vastgesteld dat eiser medisch stabiel was en dat verder specialistisch onderzoek niet noodzakelijk was.
De rechtbank oordeelde dat de medische aspecten primair in de asielprocedure aan de orde horen te komen, tenzij het zonneklaar-criterium van toepassing is, wat hier niet het geval was. De zorgvuldigheid van de overheid werd bevestigd, mede doordat eiser tweewekelijks door een psychiater werd bezocht en onder controle stond van de Medische Dienst.
Daarnaast werd beoordeeld of de overheid voortvarend had gehandeld bij de voorbereiding van de uitzetting. Hoewel de aanvraag voor een laissez-passer pas op 25 mei 2001 werd opgestart, achtte de rechtbank dit niet onredelijk gezien het afwachten van de voorlopige voorziening. De rechtbank concludeerde dat de voortzetting van de vrijheidsontnemende maatregel rechtmatig en redelijk was en wees het beroep ongegrond. Het verzoek om schadevergoeding werd eveneens afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de voortzetting van de vrijheidsontnemende maatregel wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.