ECLI:NL:RBSGR:2001:AD5930
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Kortenhorst
- Van Putten-Göbbels
- Van der Veen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens meervoudige mishandeling, bedreiging en poging zware mishandeling binnen gezin
De rechtbank 's-Gravenhage heeft verdachte veroordeeld voor meerdere feiten van mishandeling, bedreiging met brandstichting en poging tot zware mishandeling binnen zijn gezin. De bewezenverklaring betreft onder meer het slaan en schoppen van gezinsleden, het bijten van zijn vrouw, het bedreigen met brandstichting door benzinejerrycans in de kelder te plaatsen, en het gebruik van een stuk gereedschap om zijn dochter te verwonden.
De rechtbank achtte niet alle ten laste gelegde feiten bewezen, zoals de primair ten laste gelegde feiten en een poging tot mishandeling waarbij het letsel niet als zwaar werd aangemerkt. De verdediging voerde aan dat het bijten van de vrouw per ongeluk was, maar de rechtbank oordeelde dat verdachte bewust de aanmerkelijke kans aanvaardde dat hij zijn vrouw zou raken.
De gedragsdeskundigen stelden vast dat verdachte licht verminderd toerekeningsvatbaar is met een primitieve emotionele differentiatie en onvoldoende agressieregulatie. Verdachte heeft een geschiedenis van huiselijk geweld, waarbij hij langdurig zijn gezinsleden terroriseerde en ernstig letsel veroorzaakte. De rechtbank legde een gevangenisstraf op van 12 maanden, waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar, om herhaling te voorkomen.
De rechtbank hield rekening met de ernst en duur van de feiten, de persoonlijke omstandigheden van verdachte en het psychologisch en psychiatrisch rapport. De voorlopige hechtenis werd in mindering gebracht op de straf. Verdachte werd vrijgesproken van enkele ten laste gelegde feiten wegens onvoldoende bewijs.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 12 maanden gevangenisstraf, waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar wegens meervoudige mishandeling, bedreiging met brandstichting en poging tot zware mishandeling.