ECLI:NL:RBSGR:2001:AD5978
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.J. van den Bergh
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning Sudanese asielzoeker wegens onvoldoende motivering over vestiging in Noord-Sudan
Eiser, een Sudanese asielzoeker afkomstig uit Zuid-Sudan, diende een herhaalde aanvraag in voor een verblijfsvergunning in Nederland. De aanvraag werd afgewezen door verweerder, de Staatssecretaris van Justitie, met als motivering dat eiser niet voldeed aan de voorwaarden voor het verkrijgen van een vergunning. De rechtbank oordeelde dat bij de beoordeling van een herhaalde aanvraag rekening gehouden kan worden met jurisprudentiële ontwikkelingen, waaronder uitspraken over het gewijzigde vvtv-beleid ten aanzien van Sudanese asielzoekers.
De rechtbank stelde vast dat het bestreden besluit onvoldoende gemotiveerd was, omdat verweerder zich niet had uitgelaten over de vraag of eiser zich probleemloos in Noord-Sudan kan vestigen, terwijl eiser verklaarde afkomstig te zijn uit Zuid-Sudan en tot de stam der Zande te behoren. De rechtbank vernietigde het besluit wegens deze motiveringsgebrek.
Desondanks liet de rechtbank de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand, omdat eiser bijna zijn gehele leven in Noord-Sudan heeft gewoond zonder problemen en zijn vrees voor vervolging verband hield met een commun delict dat niet onder het Vluchtelingenverdrag valt. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering, met in stand laten van de rechtsgevolgen.