ECLI:NL:RBSGR:2001:AD6106
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling maatregel van bewaring vreemdeling en rechtsbijstand
Verweerder legde op 28 juni 2001 aan eiser, een Algerijn zonder rechtmatig verblijf, een maatregel van bewaring op met het oog op uitzetting vanwege de openbare orde. Eiser stelde hiertegen beroep in, dat echter niet-ontvankelijk werd verklaard omdat de kennisgeving van de maatregel door verweerder aan de rechtbank als beroep werd aangemerkt.
De rechtbank constateerde dat eiser niet was geïnformeerd over zijn recht om contact op te nemen met zijn consulaire vertegenwoordiging, zoals voorgeschreven in beleidsregel A5 1.2.1 van de Vc2000. Desondanks oordeelde de rechtbank dat dit de bewaring niet onrechtmatig maakte, mede omdat eiser zelf contact had gezocht met zijn consulaire vertegenwoordiging en voldoende juridische ondersteuning kreeg via een raadsman.
De rechtbank vond de maatregel van bewaring gerechtvaardigd gezien het risico dat eiser zich aan uitzetting zou onttrekken, onder meer vanwege het gebruik van valse documenten en meerdere aliassen. Het voortduren van de bewaring werd niet onrechtmatig geacht omdat er zicht was op uitzetting op afzienbare termijn. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.