ECLI:NL:RBSGR:2001:AD6136
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- D.J. de Lange
- A. Stehouwer
- A. van Haeringen
- Rechtspraak.nl
Weigering machtiging tot voorlopig verblijf wegens verbroken gezinsband met minderjarige kinderen
Eisers, minderjarige kinderen van Vietnamese nationaliteit, vroegen om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) om bij hun moeder in Nederland te verblijven. De moeder, referente, was in 1992 naar Nederland gekomen en had haar kinderen bij haar moeder in Vietnam achtergelaten. Eisers maakten geen gebruik van de eerder verleende mogelijkheid om met een mvv naar Nederland te reizen.
Verweerder oordeelde dat de feitelijke gezinsband tussen eisers en referente was verbroken omdat de kinderen duurzaam in het gezin van hun grootmoeder waren opgenomen en referente geen substantiële bijdrage had geleverd aan hun verzorging en opvoeding. Ook was er geen regelmatig contact aangetoond. Eisers en referente voerden aan dat er wel contact was en dat financiële bijdragen werden geleverd, maar dit werd onvoldoende onderbouwd.
De rechtbank oordeelde dat verweerder het beleid omtrent mvv's niet onredelijk hanteerde en dat geen sprake was van een wezenlijk Nederlands belang of klemmende humanitaire redenen. Ook werd geoordeeld dat het recht op gezinsleven volgens artikel 8 EVRM Pro niet werd geschonden omdat de gezinsband feitelijk was verbroken en er geen positieve verplichting tot toelating bestond.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. De rechtbank wees ook een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de machtiging tot voorlopig verblijf wordt ongegrond verklaard wegens verbroken feitelijke gezinsband.